Nieuws

‘Ik ben het probleem niet’

Redactie 29 maart 2019, 00:00
‘Ik ben het probleem niet’

Annabel Nanninga, fractievoorzitter van de Amsterdamse raadsfractie van Forum voor Democratie, wordt geconfronteerd met tweets die door velen worden gezien als antisemitisch. Zelf noemt zij hen satire.

De afbeelding van de zes tweets ging direct na de verrassende overwinning van Forum voor Democratie rond op sociale media, en schokte menigeen. Al de ochtend na de Provinciale Statenverkiezingen kwamen bezorgde telefoontjes van NIW-lezers en vertegenwoordigers van Joodse organisaties binnen op de redactie. Wat moest men hiermee? Is Annabel Nanninga een stiekeme Jodenhater? Actrice Georgina Verbaan noemde haar op Twitter een ‘neonazi’.

Nanninga publiceerde de zes tweets tussen december 2009 en oktober 2016. In deze periode werkte zij als journalist bij ‘shockblog’ GeenStijl, berucht om harde satire, en bij opiniesites Jalta en The Post Online. Nanninga maakte vooral bij GeenStijl naam als keihard satiricus, met name als het gaat om de vrijheid van meningsuiting. De term ‘dobberneger’ (voor migranten die met boten via de Middellandse Zee Europa proberen te bereiken) komt van haar, net als de tweet ‘wat zijn jullie stil, is er iemand dood of zo?’ op 4 mei.

“Alles wat ik gezegd, geschreven en getwitterd heb kun je grof vinden, maar het is onzin dat het anti-Joods zou zijn,” zegt Nanninga in een interview met het NIW. “Ik nam alles en iedereen op de hak. Ook groepen waar ik zelf toe behoor: vrouwen, blanke mensen, dikke mensen. Het is wat anders als je je steeds maar op één groep, bijvoorbeeld de Joden, richt.” De beschuldiging dat haar tweets antisemitisch zijn en dat zij een Jodenhater is, vindt Nanninga onbegrijpelijk. “Ik bediende mij gewoon van heel harde humor, maar die was zeker niet specifiek tegen Joden gericht. Het is zoals Ricky Gervais zegt: als je een grap maakt over iets dat verschrikkelijk is, zoals de Holocaust, wil dat niet zeggen dat je dat verschrikkelijke leuk vindt of goedkeurt.”

Grappen over een kampbeul Wat staat er nu precies in de zes tweets die zouden bewijzen dat Nanninga er ongezonde denkbeelden over Joden en de Holocaust op nahoudt? De eerste (uit november 2009) luidt: ‘Gas geven als je een Jood ziet, old habits die hard. #Demjanjuk’. Dit refereert aan een bericht dat kampbewaker John Demjanjuk in 1947 met zijn auto bewust een Jood zou hebben aangereden. Of de grap over ‘gas geven’, die al decennia in talloze varianten bestaat, leuk is, valt te betwisten, maar is hij antisemitisch? “Dat mensen hier boos over zijn, begrijp ik echt niet,” zegt Nanninga, “tenzij je vindt dat je zelfs geen grappen ten koste van een kampbeul mag maken.” Ook over de tweet uit mei 2015 waarin zij over Hitlers Mein Kampf zegt ‘Je leest zes bladzijden en je hebt meteen zin Joden te vergassen’, is Nanninga kort: “Dat zijn niet mijn woorden maar een citaat van komiek Hans Teeuwen over het verbod op de verkoop van dat boek. Waar ik overigens tegen ben.”

Diezelfde kwestie vormt de context van een tweet uit november 2014: ‘Nu even wat Mein Kampfen kopen. Je kunt niet vroeg genoeg beginnen met de kerstcadeaux. Sti-hille nacht, siegheilige nacht.’ Het is een tekst waar ze nu minder gelukkig mee is. “Kijk, ik begrijp dat Joden als zij zo’n tweet lezen daar boos, verdrietig of geschokt door zijn, maar het is niet meer dan dat. Zoek er geen politieke boodschap achter. Dit geldt voor zoveel humor. De grens van wat smakelijk is ligt voor de één ergens anders dan voor de ander.”

Holocaustmetafoor
Het woord ‘context’ is van speciaal belang in deze kwestie. Een tweet is maximaal 280 tekens lang (in de tijd waaruit de meeste van Nanninga’s teksten stammen was dit slechts 140) en het is bijna een nationale sport op Twitter om politieke tegenstanders in een kwaad daglicht te stellen door elke vorm van perspectief te verwijderen. Maar als Nanninga haar woorden nu, jaren later leest, heeft zij er dan spijt van? “Spijt is een groot woord. Ik begrijp wel dat mensen er nu in een andere context of zelfs zonder enige context van schrikken of boos om worden. Maar ik weet met welke intentie ik dat destijds heb gezegd.”

‘Ik weet met welke intentie ik dat destijds heb gezegd’

Die intentie is misschien nog wel het belangrijkst bij haar gewraakte tweet, qua toon waarschijnlijk de hardste, uit december 2013: ‘‘Waar blijft @2525 trouwens met zijn HumorEinsatzgruppen magniet-epistel op Jood.nl? Sorry! Joop.nl! #auschwitzen.’ De haat tussen de GeenStijl-medewerkers en Francisco van Jole (@2525 op Twitter), hoofdredacteur van VARA-opiniesite Joop.nl, is algemeen bekend in medialand. Nanninga: “Het ging mij er juist om dat men bij Joop.nl altijd erg gekwetst is door foute grappen of cartoons, maar als die grappen over Joden of Israël gaan, dan hoor je ze opeens niet meer.”

Nanninga wijst op haar track record in de gemeenteraad: “Ik heb met Forum voor Democratie het Amsterdam Joods Akkoord getekend en samen met D66 geagendeerd dat het ook wordt uitgevoerd. Ik heb contacten met vertegenwoordigers van de belangrijkste Joods-Amsterdamse organisaties, Forum is uitgesproken pro-Joods en onvoorwaardelijk pro-Israël. Waarom zou ik die politiek uitvoeren als ik stiekem antisemiet was? Een paar harde, jaren oude grappen kunnen daar toch nooit tegen opwegen?” Om er een meer Rotterdams aandoende vraag bij te stellen: “Daden spreken toch luider dan woorden?”

Ciske de Rat
De vijfde tweet (uit juni 2014) zal u wellicht bekend voorkomen: ‘Krijg toch allemaal de kleren, word voor mijn part allemaal Jood. #holocauststraatspektakel’. Met deze tekst sprak Nanninga haar afkeer uit van het voorstel een herdenkingstocht voor de Shoa te organiseren in de vorm van een Anne Frank-musical en kwam ze met een spottend tekstvoorstel voor die musical, gebaseerd op Ciske de Rat. “Dat is zo’n potsierlijke kermisklantenkijk op het lot van de familie Frank”, vindt Nanninga. De context van de laatste (oktober 2016) van het zestal tweets is moeilijk te achterhalen, deze maakt deel uit van een dialoog op Twitter – een ‘draadje’ – maar waarop Nanninga reageert is niet te zien. ‘Heil Hitler roepen is op zich ook vol-ko-men ongevaarlijk,’ luidt haar tekst, maar zij kan zich niet meer herinneren waar dit precies op sloeg.

En dan was er Nanninga’s felle aanval begin mei 2013 op Hans Vuijsje, over de uitbreiding van de 4 meiherdenking. De toenmalig directeur van Joods Maatschappelijk Werk vond dat deze veel te ver ging, en Nanninga – toch geen vriend van het Nationaal Comité 4 en 5 mei, zij noemt het een ‘doorgepolitiseerde subsidiespons’ – beschuldigde Vuijsje van overgevoeligheid: ‘Als jullie er toch een stukkie afsnijden namens Jahwe, overweeg die lange tenen eens in plaats van de piemols (sic)’. “Misschien had ik dat anders moeten doen, maar dit is natuurlijk geen statement over de houding van de Joodse gemeenschap tegenover de Holocaust in het algemeen,” zegt Nanninga nu. “Mijn kritiek op Vuijsje blijft gewoon staan, maar als mensen vanwege de door mij gekozen bewoordingen erin lezen dat ik zou beweren dat ‘de Joden de Holocaust uitmelken’ is dat erg jammer, want dat vind ik natuurlijk helemaal niet.”

‘Ik draag de volledige verantwoordelijkheid voor mijn woorden’

Anti-discriminatiemarsen
Zou zij haar woorden nu anders kiezen? “Zeker, natuurlijk gebruik ik die stijl nu niet meer. Ik ben geen columnist meer maar volksvertegenwoordiger. Dat woord zegt het al: ik spreek nu namens mijn kiezers en niet meer alleen als Annabel Nanninga die met heel grove argumenten de vrijheid van meningsuiting wil bewaken.” Nanninga zegt te hopen dat de Joodse gemeenschap haar afrekent op haar denkbeelden en daden als volksvertegenwoordiger, niet op haar harde grappen als columnist. “De tweets in kwestie zijn jaren oud, dat zij nu van stal worden gehaald is een reactie op onze eclatante verkiezingsoverwinning. Dus moeten alle zeilen worden bijgezet om te proberen ons zo veel mogelijk te belasteren, te besmeuren en in een bepaalde reuk te zetten. Bekijk de tweets, ik heb ze nooit verborgen. Ik draag de volledige verantwoordelijkheid voor mijn woorden. Ik verzet mij pertinent tegen de notie dat zij antisemitisch zijn, laat staan dat ik dat ben. Aan de andere kant begrijp ik volkomen als zij grof, pijnlijk en naar overkomen. Zeker naar hen toe die geleden hebben onder de Holocaust, wat in Nederland natuurlijk voor bijna alle Joden geldt. Maar u hoeft zich geen zorgen te maken over mijn houding ten aanzien van de Joden en Israël. Wij staan aan uw kant. Zeker in Amsterdam, waar partijen in de raad zitten die het Joods Akkoord niet hebben willen tekenen, maar wel meelopen in allerlei anti-discriminatiemarsen. Dus ik ben echt het probleem niet.”

In het kader van volledige openheid laat de schrijver van dit artikel weten dat hij in 2015 en 2016 met Annabel Nanninga bij opiniewebsite Jalta heeft gewerkt.

Foto: Guido van Nispen

Tags dit artikel heeft geen tags
Opmerkingen (0)
Plaats opmerking

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *