Achtergrond

‘Ik merkte dat Cliteur worstelde’

De Leidse hoogleraar Afshin Ellian reageert op het rapport dat zijn afdeling vrijpleit na beschuldigingen van antisemitisme aan het adres van zijn collega Paul Cliteur, politiek mentor van Thierry Baudet en jarenlang een van de leiders van Forum voor Democratie.

Bart Schut 01 maart 2021, 11:00
‘Ik merkte dat Cliteur worstelde’

De afdeling Encyclopedie van rechtswetenschap van de Leidse rechtenfaculteit heeft een onderzoek naar antisemitisme met vlag en wimpel doorstaan. De onderzoekscommissie concludeerde dat in de vakgroep, geleid door de hoogleraren Afshin Ellian en Paul Cliteur, door de jaren heen geen sprake is geweest van enige vorm van Jodenhaat. Het onderzoek was ingesteld nadat een artikel van weblog GeenStijl veel stof had opgeworpen. Vier oud-promovendi van de afdeling hadden hun beklag gedaan over het antisemitisme van Forum voor Democratieleider Thierry Baudet. Dit had invloed op de positie van Cliteur, de politieke mentor van Baudet.

In een paniekreactie kondigde de Leidse rector magnificus Carel Stolker een onderzoek aan naar mogelijk antisemitisme binnen Cliteurs afdeling, waar Baudet van 2007 tot zijn promotie in 2012 werkte. Dit ondanks het feit dat het viertal ‘klokkenluiders’ – David Suurland, Machteld Zee, Yoram Stein en Machteld Allan – hadden gesteld dat van Jodenhaat bij de afdeling of Cliteur persoonlijk geen sprake was. Het onderzoek, geleid door Geert Corstens, oud-president van de Hoge Raad, zuivert de afdeling van blaam. Het NIW sprak over de affaire met prof. dr. Afshin Ellian, die het van Iraans vluchteling tot Leids hoogleraar en invloedrijk opiniemaker schopte.

Hoe voelde u zich toen de beschuldigende vinger in de affaire rond de Jodenhaat bij FvD op uw afdeling werd gericht?
De beschuldigingen hebben mij enorm geraakt. Mijn band met het Joodse volk en de Joodse staat is bijzonder hecht. De eerste keer dat ik naar Israël ging, had ik het gevoel dat ik thuiskwam. Aan de grens bood men aan geen stempel in mijn paspoort te zetten, omdat men wist dat ik een zwaar strafbaar feit in mijn geboorteland Iran pleegde door voet op Israëlisch grondgebied te zetten. Ik zei: “Nee, het is een eer dat stempel in mijn paspoort te hebben.” En dan zouden er antisemieten op mijn afdeling rondlopen? Ik zou ze letterlijk het raam uit gooien. Mijn Joodse vrienden zeiden: “Zijn ze nou helemaal van de pot gerukt?” Anderen dachten dat de Iraanse inlichtingendiensten achter de beschuldigingen zaten, zo bizar waren die.

De conclusies van de commissie-Corstens laten qua duidelijkheid niets te wensen over. Bent u opgelucht?
Ik had alle vertrouwen in Geert Corstens, dat is een eerzame man. En ik was ervan overtuigd dat er niets aan de hand was. De faculteit is een dorp, daar hoor je alles van elkaar. Als er een antisemitismeprobleem was geweest, had ik ervan gehoord. Bijvoorbeeld van Joodse promovendi, van wie we er verschillende hebben gehad, ook uit Israël. Een van de aanbevelingen van Corstens was: geef ruime bekendheid aan onze conclusies. Maar kranten als NRC, de Volkskrant en Trouw, die pagina’s lang tegen onze afdeling geageerd hebben, blijven nu opvallend stil.

U suggereert dat dit geen toeval is.
Zeker, zij hadden een appeltje met ons te schillen omdat wij islamkritiek toestaan. Ik heb zelf ook tegen Thierry Baudet geschreven, vanwege het antisemitisme in de appgroepen van Forum, maar de kranten wilden ook Cliteur aanpakken, om heel andere redenen.

Een afrekening met uw lastige, als rechts bekend staande afdeling?
Cliteur en ik schrijven over islamisme. Men vond het al heel erg dat David Suurland (een van de vier ‘klagers’ in het GeenStijl-artikel, red.) bij ons kon promoveren op de politieke islam. Let wel: ik zeg de politieke islam. Over het individuele geloof van mensen heb ik het nooit. Wij namen het ook nog eens op voor de vrijheid van meningsuiting van Geert Wilders. En Baudet promoveerde met een proefschrift dat kritisch was over de Europese Unie, terwijl de EU voor de meeste academici en journalisten op een nieuwe religie dreigt te lijken. Dus kregen wij het stempel ‘conservatief’ opgeplakt, terwijl ik juist bijzonder progressief ben, een verlichtingsmens. Men vond het onaanvaardbaar dat er op al die universiteiten in Nederland twee mensen waren die anders denken.

‘Zij hadden een appeltje met ons te schillen’

Wordt er met verschillende maten gemeten wanneer er wordt gekeken naar de politieke achtergrond van academici in Nederland?
Zeker, zeker. En de universiteit heeft zich daarin laten meeslepen. Ik ben er echt bezorgd over dat mensen het hoofd niet koel kunnen houden. Emoties en massahysterie kunnen heel gevaarlijk zijn. Misschien zijn mensen een beetje gek geworden door de isolatie waarin zij vanwege de coronapandemie verkeren. Men heeft Stolker (inmiddels oud-rector magnificus van de Universiteit Leiden, red.) emotioneel onder druk gezet. Hij is geen slechte man, maar hij heeft de fout gemaakt op Twitter het onderzoek aan te kondigen. (Lachend) Dat kan toch niet! We hebben het hier niet over een gesprek in een café. Dat was onze baas, het was alsof hij een functioneringsgesprek op Twitter voerde. En dat ook nog eens op aandrang van anderen, die zich nooit bekommeren om antisemitisme, maar die hier een mogelijkheid zagen ons eindelijk aan te pakken.

Is het in het algemeen wel verstandig dat een academicus zo actief is in de partijpolitiek?
Artikel 4 van de Nederlandse Grondwet zegt: iedere Nederlander kan kiezen en gekozen worden. Hans Franken (hoogleraar in Leiden en de voorganger van Cliteur, red.) was lid van de Eerste Kamer voor het CDA. Ankie Broekers werkte op dezelfde gang als ik en zat daar namens de VVD. Een verdieping lager zat Nico Schrijver, Eerste Kamerlid voor de PvdA. En zo kan ik er nog veel meer noemen. Als je dat niet wilt, moet je de Grondwet wijzigen.

Paul Cliteur heeft op geen enkel moment afstand van Baudet genomen, ook niet nadat de antisemitismeschandalen door FvD raasden en de partijleider weigerde daartegen op te treden.
Op 28 november 2020 plaatste de toen net als Eerste Kamerlid afgetreden Cliteur een verklaring op LinkedIn waarin hij het antisemitisme in de FvD-whatsappgroepen veroordeelde. Dan hebben we het niet meer over de academicus, maar over de politicus Cliteur. Toen de boel bij FvD ontplofte, heb ik hem gebeld en gezegd: “Volgens mij hoor jij niet meer in de stal van Baudet thuis.” Ik merkte dat hij worstelde. Volgens mij wist hij daarvoor niets van antisemitisme binnen die appgroep. Dit zal Cliteur niet leuk vinden, maar ik denk dat hij is misleid door Baudet. En niet alleen hij, vele anderen ook. Je kunt hem dus wel naïviteit verwijten, maar verder heb ik geen enkele reden te twijfelen aan zijn integriteit. Dat geldt trouwens ook voor de vier die het interview aan GeenStijl hebben gegeven, zij beseften niet dat ze hun eigen geliefde afdeling in de fik hebben gezet. Ik probeerde Cliteur los te trekken van Baudet en zei: “Ga weg daar, wat doe je daar nog?” Maar wie van ons zou willen buigen voor de druk van de Volkskrant, NRC of Trouw? Dus koppigheid speelt ook een rol. Cliteur gelooft heilig in het debat, in de vrije uitwisseling van meningen. Ook als die provoceert. Toen die antisemitische apps naar buiten kwamen, had Baudet de hele Forumjeugd bij elkaar in een stadion moeten zetten en Leon de Winter, Jessica Durlacher en Rob Moskou laten komen vertellen over wat antisemitisme is en doet.

‘Baudet nazificeert zichzelf’

Mag je van een academicus, een hoogleraar, een rechtsfilosoof niet wat meer verwachten dan koppigheid, als er bijna wekelijks nieuwe voorbeelden van Baudets racisme naar buiten komen? Over Joden, over ‘negers’, over het IQ van rassen?
Dat is walgelijk, echt walgelijk. Ik ga ervan uit dat Cliteur zich op een bepaald moment in het openbaar kritisch over deze gebeurtenissen gaat uitlaten, maar nu moet hij nog bijkomen van de antisemitismebeschuldigingen aan zijn eigen adres. Cliteur zal zelf ooit deze vragen moeten beantwoorden. Ik ben geen Forumdeskundige, (lachend) mijn politieke voorkeur ligt elders, die is niet zo moeilijk te achterhalen (Ellians zoon Ulysse is kandidaat-Tweede Kamerlid voor de VVD, red.), maar aan Baudet kleeft iets van oplichterij. Zijn racistische uitspraken zijn niet meer uit de derde hand, die zijn bevestigd, maar tegelijkertijd ontkent hij constant alles op tv: “Ik ben dit niet, ik ben dat niet …” Ik ben altijd tegen het nazificeren van politici geweest omdat dit het begrip nazi uitholt. Maar een belangrijkere regel is: gij zult uzelf niet nazificeren. En dit laatste zie je constant in het geval van Baudet.

Van vluchteling tot hoogleraar
Afshin Ellian werd op 27 februari 1966 geboren in de Iraanse hoofdstad Teheran. Als tiener maakte hij de val van het regime van de sjah mee. Toen alle linkse jeugdbewegingen, ook die waarvan hij lid was, werden vervolgd door het bewind van ayatollah Khomeini, vluchtte Ellian naar Pakistan. Via Afghanistan bereikte hij in 1989 Nederland, na door de regering in Den Haag uitgenodigd te zijn als politiek vluchteling. Ellian studeerde rechten en filosofi e in Tilburg, waar hij in 2003 promoveerde. In 2005 werd hij aangesteld als hoogleraar Encyclopedie van de rechtswetenschap in Leiden. Ellian schreef opinieartikelen voor NRC en had een wisselcolumn in weekblad Elsevier, waarvoor hij nog steeds schrijft. Hij wordt beschouwd als islamcriticus en vijand van het regime van de ayatollahs in Teheran. Als potentieel doelwit van islamitische terroristen wordt Ellian beveiligd: “Arabische jihadisten denken dat ik een Joodse moeder heb, Turken zeggen dat ik Armeniër ben.”

Ellian in Israël
In 2012 werd Afshin Ellian uitgenodigd door Israëlische academici om op de Universiteit van Haifa de Cleveringalezing te geven. Hij schreef voor Elsevier een serie columns over zijn bezoek aan de Joodse staat. Hier een aantal citaten uit dat – zeer persoonlijke – reisverslag.

Over de Israëlische vlag: “De vlag die tegen de hele wereld zegt: ‘Ik capituleer nooit.’”

Over de Israëlische hoofdstad: “Khomeini is het niet gelukt Jeruzalem te veroveren, maar ik ga dat wel doen. Wie Jeruzalem wil veroveren, moet eerst zelf door Jeruzalem worden veroverd.”

Over de Klaagmuur: “Voorzichtig liep ik naar de muur. Niemand hield me tegen. Niemand vraagt wie je bent en waarin je wel of niet gelooft. Ik raakte de muur aan. Beelden uit Yad Vashem spookten door mijn hoofd. In mijn hoofd marcheerden foto’s, namen en beelden van Joden die geen enkele muur, geen enkele steen, zelfs geen heilig steentje konden aanraken.”

Over de islam: “Nu begrijp ik waarom de profeet Mohammed de gebedsrichting (van moslims, red.) veranderde: van Jeruzalem naar Mekka, van de Joden naar zichzelf. Terecht constateerde Mohammed dat hij in Jeruzalem niets te zoeken had.”

Over de veiligheid van de Joodse staat: “Israël is omsingeld door landen en volkeren die naar de vernietiging van Israël en het Israëlische volk streven. Dat is geen retoriek, maar de keiharde werkelijkheid.”
Over multiculturalisme: “Waarom kunnen in Haifa bahaitempels, moskeeën, kerken en synagogen vreedzaam naast elkaar bestaan? Waarom kunnen in Israël ketters van grote religies vreedzaam naast die religies bestaan? En waarom stellen westerse journalisten deze indringende vragen niet?”

Over de media: “Het westerse beeld van Israël komt min of meer overeen met wat de Iraanse staatstelevisie uitzendt: Israël is een angstaanjagende militaire staat die de Palestijnen onderdrukt.”

Over de werkelijkheid: “Een vrije samenleving waar meisjes zich naar eigen goeddunken mogen kleden. Waar homo’s vrij zijn, waar vrij internetverkeer bestaat, waar alcohol niet verboden is, waar talloze kranten en krantjes worden uitgegeven zonder vrees voor vervolging, waar de universiteit het bolwerk van vrijheid en onderzoek is.”

Foto’s: Ido Menco

Tags dit artikel heeft geen tags
Opmerkingen (0)
Plaats opmerking

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *