Column

Tweede kans

Michel Waterman 06 februari 2021, 13:00
Tweede kans

Van jongs af aan ben ik vertrouwd met het ‘Joodse blaadje’. Mijn moeder z”l spelde ieder nummer van het NIW, van linksboven naar rechtsonder. Wat zou ze trots geweest zijn als ze had mogen meemaken dat haar zoon columns schreef in haar lijfblad. Zelfs over de column die u nu leest, had ze mij complimenten gemaakt. Dat weet ik zeker. Misschien was ze wel de enige geweest. Ik realiseer me namelijk dat ik bij de meeste lezers deze keer niet de handen op elkaar zal krijgen. Sterker nog: een deel van mijn doorgaans trouwe fans zal mijn column deze week voor gezien houden. Geeft niet hoor, bladert u rustig door naar de overlijdensadvertenties en hopelijk ‘tot ziens’ over vier weken. Ik ga iets positiefs schrijven over het Rode Kruis.

Over het Rode Kruis? Spoor je nog wel, Waterman?

Tsunami
Eerst maar een disclaimer. Ik groeide op in de jaren 50, relatief kort na de oorlog dus. Ook bij mij thuis gold dat we niet gaven aan het Rode Kruis, de organisatie die Joden in de kampen in de steek had gelaten. Het is niet eens zo lang geleden dat ik die gedachte, dat sentiment, heb losgelaten. Toen Ka, de liefde van mijn leven, zo’n twintig jaar geleden haar eerste opdracht van het Rode Kruis kreeg, was ik niet meteen dolenthousiast. Ik geef het direct toe.

BN’er. “Wat doe jij hier?” beet de BN’er Ka toe, “Het Rode Kruis, allemaal antisemieten!” Hij liet de directeur, die wit wegtrok, met uitgestoken hand staan. De man begreep het niet, wist niet waar die opmerking vandaan kwam. Ka kon het hem haarfijn uitleggen. Zij was op haar beurt verbaasd dat zelfs de directeur niet bekend was met de bedenkelijke rol die zijn organisatie in de oorlog gespeeld had.

En hij bleek niet de enige te zijn. Bij het Rode Kruis was nauwelijks bekend hoe de meeste Joden naar de organisatie keken. En waarom. Ka stelde voor daar iets aan te doen. Haar voorstel werd met open armen ontvangen.

Lef
Ik was erbij toen Crescas in augustus 2005 een bewustwordingsdag voor directie, managers en bestuur van het Rode Kruis organiseerde. Ik zag met eigen ogen wat die dag bij de deelnemers teweegbracht. Ik was erbij toen directeur B. tijdens een bijeenkomst in het JHM in 2013 voor het eerst excuses maakte en een onafhankelijk onderzoek door het NIOD naar het zwarte oorlogsverleden aankondigde. Ik was erbij toen het rapport, een lijvig boek van historicus Regina Grüter, met niet mis te verstane conclusies, werd gepresenteerd. Ik zag de oprechte emotie bij de bestuursvoorzitter en bij de aanwezige bobo’s uit Joods Nederland en ik merkte hoezeer ik daardoor zelf geëmotioneerd raakte.

Ik mocht erbij zijn toen directeur en voorzitter naar Israël reisden om daar de Nederlandse overlevenden persoonlijk excuses aan te bieden en de conclusies van het onderzoek toe te lichten. Ik was erbij toen in het nieuwe Rode Kruis – gebouw in Den Haag een plaquette werd onthuld met de woorden van Frieda Menco z″l: ‘Het had waarschijnlijk niet veel uitgemaakt, zo’n pakket van het Rode Kruis (…). Maar het idee dat iemand in Nederland aan je dacht, ja, dat had verschil gemaakt.’ Om deze plaquette kun je niet heen, letterlijk en figuurlijk niet, als je het gebouw binnengaat.

Het Rode Kruis heeft lef getoond. En laat het gezegd zijn: het eerste excuus kwam inmiddels acht jaar geleden. Lang voor excuses van de Nederlandse overheid, lang voor de bewierookte toespraak van Willem-Alexander, lang voor excuses van organisaties als de NS. Afgelopen week kondigde het Rode Kruis aan dat de cartotheek van de Joodse Raad wordt overgedragen aan het in aanbouw zijnde Nationaal Holocaust Museum. Een (voorlopig) mooi slot.

Het wordt tijd dat de Nederlands-Joodse gemeenschap zijn verhouding tot het Rode Kruis herijkt. We hoeven niet te vergeten, zeker niet. Dat doet de organisatie zelf ook niet, zie boven. Met het aanvaarden van excuses kunnen we ónze ‘grootsheid’ laten zien. Iedereen verdient een tweede kans. Ook het Rode Kruis.

Tags dit artikel heeft geen tags
Opmerkingen (0)
Plaats opmerking

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *