Een diep gesprek met Naoufel
Dagboek

Een diep gesprek met Naoufel

Opperrabbijn Jacobs schrijft een dagboek over maatschappelijke en religieuze zaken. Het NIW publiceert deze stukken twee keer per week.

Opperrabbijn Binyomin Jacobs 30 maart 2023, 11:51
Een diep gesprek met Naoufel

Meer dan gebruikelijk was ik bezig met interviews en gezicht geven aan de niet-Joodse omgeving die graag een Joodse stem en/of mening wil horen. En dus zat ik maandag, na de zondag in Middelburg, in Arnhem om te spreken over een in voorbereiding zijnde tentoonstelling over ‘Kunst in Duitsland onder het naziregime’. Hoe  kunnen ze deze tentoonstelling zo inrichten dat er bij met name de Joodse gemeenschap geen nare gevoelens optreden, dat wilden de organisatoren graag horen. De tentoonstelling is niet bedoeld om de bezoekers te laten genieten van prachtige kunst, maar wat de makers willen tonen is dat terwijl miljoenen mensen worden vermoord, door een kleine minderheid moordenaars, voor de grote meerderheid het gewone leven doorgaat alsof er niets aan de hand is. In feite is de tentoonstelling een keiharde waarschuwing die toont hoe gemakkelijk het gros van de mensen wegkijkt, het ziet gebeuren, het laat gebeuren en waar nodig om het eigenbelang te dienen, in het gareel meeloopt om de moordmachine te steunen, materieel en geestelijk.

Na afloop van het gesprek in het Gemeentemuseum van Arnhem volgde ik in mijn auto Leo Vosdingh, bestuurder van de Joodse gemeente, op weg naar de sjoel van Arnhem. Daar werd ik opgewacht voor een toespraak die tijdens de iftar zal worden getoond. Omdat ik vanwege Pesach lijfelijk niet aanwezig kan zijn, word ik tweedimensionaal vertoond. 

’s Avonds gingen Blouma en ik op bezoek bij een ouder echtpaar. In 1975 behoorden zij nog tot de jonge echtparen met kinderen, gelijk wijzelf. Met weemoed brachten zij in herinnering de gezamenlijke seideravonden … We waren dus beiden ‘de jonge echtparen met kinderen van toen’ en vandaag ‘de minder jonge echtparen met kleinkinderen en achterkleinkinderen van nu’. 

De interviewer, een moslim, interviewde mij niet, maar ging met mij in gesprek

Gisteren weer terug naar (bijna?) normaal: dus weer een video-interview. Een bijzondere met essentiële levensvragen. Een YouTubeproductie die probeert duidelijkheid te brengen over schepping, geloof in de Eeuwige, het leven na de dood. De opname wilden ze doen in de synagoge van Enschede, maar dat vond ik qua afstand minder aantrekkelijk. En dus werd het de synagoge van Amersfoort. Ik dacht dat  zo’n opname een uurtje zou nemen, maar dat viel tegen of misschien moet ik zeggen: het viel mee. Want het was bijzonder. De diepgang die werd besproken en de interviewer die mij niet interviewde, maar met mij in gesprek ging. We hadden drie afzonderlijke gesprekken over de schepping, over educatie en over nog een onderwerp, dat ik me niet herinner (wel het gesprek, maar niet de titel).

Voeg daar nog bij dat mijn gesprekspartner een moslim was, Naoufel (de tweede van rechts op de foto) die als leraar geschiedenis en Engels verbonden is aan een middelbare openbare school in Rotterdam. Er ontstond een band tussen ons en we hebben dus ook gesproken over Israël en over antisemitisme. Lopend vanaf mijn huis naar de opname in de synagoge ontmoette ik twee andere islamieten. De eerste was een maaltijdbezorger die achter mij bleef fietsen tot de kust veilig was. Hij kwam naast me kwam fietsen, vroeg of ik een Jood was en maakte vervolgens ongevraagd een foto van mij. Daarna riep hij mij op terug te keren naar de islam en maakte zich toen snel uit de voeten (sorry: uit de fietsen!). Dat was geen plezierige ontmoeting. Ik liep verder en toen werd ik gestopt door een DHL-bezorger. ‘Shalom! Ik spreek Ivriet en heb vijf jaar in Israël gewoond als vluchteling uit Eritrea. Wij zijn vrienden. God zegene u!’ 

En daarna dus mijn nieuwe vriendje, de interviewer van Tijdsein. Ik was nog geen vijf minuten thuis, wilde even rustig gaan zitten toen de telefoon ging:

Dit is Naoufel, de interviewer van vanmiddag. Nogmaals onze grote dank voor uw participatie. Wel herinner ik me nog dat ik een vraag vergeten was. Is er volgens het jodendom een leven na de dood? En zo ja, hebben onze daden invloed op dat leven na de dood?

Vandaag, woensdag, was ik in Den Haag bij een internationale conferentie met als de titel: Israel on trialOngeveer 160 deelnemers uit zestien landen. Maar ik ga daarover nu niet schrijven. Ik laat het liggen voor mijn volgende dagboek, want ik werd daar overstelpt met voor mij veel nieuwe gedetailleerde informatie die ik eerst voor mezelf zal moeten verwerken … 

Dit is een persoonlijk dagboek van de opperrabbijn en valt buiten de verantwoordelijkheid van de redactie.

Tags islam
Plaats opmerking