Lange, lange tijd stonden de Democraten in de Verenigde Staten als partij standvastig achter Israël. Het was president Harry S. Truman die bij de VN zijn volle gewicht in de schaal wierp, waardoor Resolutie 181 over het verdelingsplan van het Britse Mandaatgebied Palestina werd aangenomen. De Joodse staat was een feit.
Ook in de jaren daarna moest Israël het vooral van de Democratische Partij hebben en aanzienlijk minder van de Republikeinen. Dat was weinig verrassend, de conservatievere Republikeinen moesten weinig hebben van het socialisme van de vroege regeringen in Jeruzalem. Dat begon te veranderen vanaf 1967, toen de IDF de door de Sovjet-Unie bewapende en gesteunde buurstaten versloeg en Washington de Joodse staat meer en meer begon te zien als bolwerk tegen het communisme.
Toch waren de Republikeinen nog niet honderd procent overtuigd, gezien de haat-liefdeverhouding die bijvoorbeeld minister van Buitenlandse Zaken Henry Kissinger, zelf Joods, had met Israël. Deze houding sloeg om toen Ronald Reagan in de jaren tachtig zijn grand coalition vormde. Hierin speelden evangelische christenen met hun vurige liefde voor Israël een belangrijke rol. Bovendien had het rechtse Likoed de machtspositie van de sociaaldemocratische partijen uit de beginjaren van de Joodse staat overgenomen, wat Israël voor traditionele Republikeinen een veel aantrekkelijkere bondgenoot maakte.
Ongegeneerd partijdig
De toenemende liefde van de Republikeinen voor Israël was zichtbaar in het werk van het American Israel Public Affairs Committee, kortweg AIPAC. Steunde die lobbyorganisatie vóór de Reaganjaren vooral Democratische politici, sindsdien opereert die meer aan de rechterzijde van het Amerikaanse politieke spectrum. Uitzonderingen waren er natuurlijk altijd: zo was de Democratische president Bill Clinton sterk pro-Israël, evenals zijn vrouw Hillary, de latere minister van Buitenlandse Zaken en verliezend presidentskandidate.
Ook onder Republikein George H.W. Bush, een born-again christen, stond de Amerikaanse regering vierkant achter de Joodse staat. Inmiddels was de strijd tegen het communisme vervangen door die tegen islamitisch terrorisme. Daarin was Israël een nog belangrijkere bondgenoot, met name vanwege de waardevolle inlichtingen die de Mossad de Amerikanen verschafte voor het voeren van hun ‘War on Terror’, na de aanslagen van 11 september 2001.
Trump weigert steevast afstand te nemen van zijn aanhangers, hoe ver zij ook gaan
Onder de Democraat Barack Obama bekoelde de liefde tussen Washington en Jeruzalem enigszins, al mag niet vergeten worden dat het Obama was die in 2016 een pakket aan defensiehulp ter waarde van 38 miljard dollar over tien jaar goedkeurde. Wat ons bij de Trumpjaren brengt. De oude en nieuwe Witte Huisbewoner noemt zichzelf graag de meest pro-Israëlische president ooit. Daar valt wel iets op af te dingen, want het is de vraag of een meer realistische koers ten aanzien van de Palestijnen op termijn niet meer in het belang van Jeruzalem is. Zo was Trumps vredesvoorstel Peace to prosperity zo ongegeneerd partijdig dat geen enkel Arabisch land er serieus over wenste na te denken.
Spijtbetuigingen
Tegelijkertijd mag een pro-Israëlisch beleid, dat Donald Trump ontegenzeggelijk voert, niet een-op-een gelijkgesteld worden met een pro-Joodse houding. Een aantal uitspraken van de president, bijvoorbeeld dat Amerikaanse Joden ondankbaar zijn door niet op hem te stemmen, zoeken de grenzen op van wat als antisemitisme beschouwd wordt. Bedenkelijker is dat de president weigert afstand te nemen van de meer radicale elementen van Maga, zijn ‘Make America great again’-beweging.
Voorbeelden te over. Het meest in het oog springend was het diner dat Trump had in zijn buitenverblijf Mar-a-Lago in Florida, met Kanye West en Nick Fuentes. Dat was in november 2022, in de periode tussen Trumps twee ambtsperiodes als president. West, die tegenwoordig door het leven gaat als Ye, is berucht om zijn antisemitische uitbarstingen. Die wisselt hij af met spijtbetuigingen, enkel om vervolgens nieuwe dieptepunten van Jodenhaat te bereiken. Zoals in mei vorig jaar, toen de rapper het nummer Nigga, Heil Hitler uitbracht, compleet met een speech van de Führer zelf.
De invloed van de extreemrechtse flank op het beleid van de regering lijkt mee te vallen
Toegegeven, dat was tweeënhalf jaar nadat Trump hem had ontvangen, maar het was niet alsof West eind 2022 nog geen antisemitische uitspraken had gedaan. De rapper had eerder campagne gevoerd voor Trump en de president weigert steevast afstand te nemen van zijn aanhangers, hoe ver zij ook gaan. Dus ook in het geval van rabiate Jodenhaat. Want Kanye West kwam niet alleen naar het etentje in Mar-a-Lago, hij had een gast meegenomen: blank-nationalist, neonazi en Holocaustontkenner Nick Fuentes.
Medeplichtig
Nu wordt het predicaat ‘nazi’ soms te gemakkelijk op politieke tegenstanders geplakt, maar in het geval van Fuentes is het volkomen terecht. De oprichter van de extreemrechtse Groyper–groep, op sociale media vaak te herkennen aan het gebruik van internet-meme Pepe the Frog, heeft talloze malen het aantal vermoorde Joden in de Shoa betwijfeld en de motieven van de nazi’s voor de Holocaust gerechtvaardigd. In een recent interview met Piers Morgan gaf Fuentes toe dat er zes miljoen Joden zijn vermoord in de Tweede Wereldoorlog, maar wie denkt dat dit de rechts-extremist milder maakt, komt bedrogen uit. In hetzelfde interview noemde Fuentes Adolf Hitler ‘fucking cool’ en zei dat hij het zat was net te doen alsof dat niet zo was.

Dat iemand als Fuentes welkom was aan de eettafel van de toen voormalige en toekomstige president mag schokkend genoemd worden. Met zijn racistische, homofobe en misogyne groypers probeert Fuentes de agenda van de Magabeweging verder naar rechts te schuiven. Dit tot schrik en woede van meer gematigde, maar nog steeds zeer conservatieve Republikeinen als de Texaanse senator Ted Cruz, die zich onlangs beklaagde dat te weinig Republikeinse kopstukken zich uitspreken tegen het antisemitisme op de rechterflank van Maga: “Als iemand tegenover je beweert dat het zijn missie is het wereldwijde jodendom te bestrijden, en je zegt niets, dan ben je een lafaard en medeplichtig aan dat kwaad.”
De ‘medeplichtige’ waar Cruz specifiek op doelde, was Tucker Carlson, de voormalige FoxNews-journalist die op 27 oktober vorig jaar in zijn podcast Fuentes meer dan twee uur lang kritiekloos zijn haat liet spuien. Carlson is een van de Maga-sterren die zich de afgelopen jaren steeds meer anti-Joods uitlaat. Een van de motieven daarvoor zouden zijn zakenbelangen in Qatar zijn. De voormalige moslimhater Carlson is opeens opvallend positief over de islam en over het oliestaatje dat al decennia jihadistische terreurgroepen als Hamas en Al Qaida financieel ondersteunt.
Twijfelachtige eer
Trump sprak zich recent wel in algemene termen uit tegen antisemieten onder zijn Maga-aanhangers: “We hebben ze niet nodig, we willen ze niet.” Maar gevraagd naar wat hij vond van het interview met de neonazi, weigerde de president Carlson te veroordelen: “Hij heeft heel aardige dingen over mij gezegd.” Carlsons kritiekloze interview met Fuentes kwam de podcaster te staan op de titel ‘Antisemiet van het jaar’, toegekend door de ngo StopAntisemitism.
Carlsons voorganger als ontvanger van die twijfelachtige eer is Candace Owens, een — opvallend genoeg zwarte — extreemrechtse opiniemaakster die zich wentelt in antisemitische complottheorieën. Haar laatste pareltje is dat Israël achter de moord op de conservatieve influencer Charlie Kirk zat. Het is veelzeggend dat de laatste twee ‘Antisemieten van het jaar’ van rechtsen huize zijn, zeker omdat StopAntisemitism die titel in de eerste vijf jaar van zijn bestaan viermaal toekende aan Jodenhaters ter linkerzijde, onder wie de Democratische Congresleden Ilhan Omar en Rachida Tlaib.
Hoe groot is de invloed van de extreemrechtse flank van Maga op het beleid van de regering-Trump? Die lijkt vooralsnog mee te vallen. Hoewel de president adviseurs heeft die ideologisch aan de radicale rechterflank van de Republikeinse partij staan, zijn deze moeilijk van antisemitisme te beschuldigen. De naam die in dit opzicht het eerste valt, is Stephen Miller. De plaatsvervangend stafchef van het Witte Huis en adviseur voor binnenlandse veiligheid is fel anti-immigratie, wordt door critici beschouwd als een blank-nationalist, maar antisemiet is hij niet. Miller is zelf Joods, zijn familie ontsnapte aan de pogroms in Rusland en de Holocaust.
Kroonprins
Ook Jared Kushner is Joods en hoewel Trumps schoonzoon geen officiële functie in de regering bekleedt, is hij nog steeds een invloedrijk adviseur op buitenlands gebied, met name als het gaat om het Midden-Oosten. Kushner wordt door velen beschouwd als de architect van de Abrahamakkoorden. Susie Wiles, als stafchef van het Witte Huis Trumps rechterhand, werkte zelfs ooit nog voor de verkiezingscampagne van Benjamin Netanyahu.
Minder pro-Israëlisch is vicepresident J.D. Vance. Hoewel een conservatieve christen, is Vance geen evangelical maar katholiek, traditioneel een bevolkingsgroep die minder pro-Joods is dan protestante Republikeinen. Vance is een van de mogelijke kandidaten voor de presidentsverkiezingen van 2028, maar zijn invloed wordt getemperd door de opkomst van een andere kroonprins: minister van Buitenlandse Zaken en nationaal veiligheidsadviseur Marco Rubio. Hij is een onwankelbaar bondgenoot van Israël en een fel bestrijder van antisemitisme in de VS zelf.
Trumps weigering open kaart te spelen over zijn relatie met Jeffrey Epstein schiet zijn aanhang in het verkeerde keelgat
Toch zijn er redenen voor ernstige bezorgdheid voor iedereen die de Joodse staat een warm hart toedraagt of zich zorgen maakt over de opkomst van het antisemitisme in de VS. De leiders van Maga, zeker die met invloed in het Witte Huis, mogen zich misschien verzetten tegen de groeiende Jodenhaat in de basis van de beweging, maar wie de jeugd heeft, heeft de toekomst, luidt een ander cliché. En jeugdige Maga-aanhangers bekijken dezelfde TikTokfilmpjes als hun linkse leeftijdsgenoten.

Onvoorwaardelijke steun
Jonge Republikeinen slikken de antizionistische propaganda over ‘genocide’ in Gaza en Israël als apartheidsstaat vaak net zo kritiekloos als de linkse pro-Palestijnse activisten op de campussen van Amerika’s elite-universiteiten. Gebombardeerd met al dan niet echte beelden van Palestijnse burgerslachtoffers vragen Maga-jongeren zich steeds vaker af waarom de VS Israël zo door dik en dun ondersteunen. De van nature isolationistische basis van de beweging is sowieso al kritisch op steun aan oorlogen waarin zijn land niet zelf betrokken is.
Met zijn bijna onvoorwaardelijke steun aan Israël in de strijd tegen Hamas en Hezbollah, maar ook met zijn interventie in Venezuela en mogelijk binnenkort in Iran, dreigt Trump zich te vervreemden van zijn basis, die veelal juist op hem steunde om Amerika uit buitenlandse militaire avonturen te houden.
Pedofiele netwerken
Daar komt sinds kort nog een factor bij. Trumps weigering open kaart te spelen over zijn relatie met pedofiel Jeffrey Epstein schiet een groot deel van zijn aanhang in het verkeerde keelgat. Het heeft zelfs geleid tot een breuk met een van zijn felste aanhangers in het Congres, Marjorie Taylor Greene, berucht van haar suggestie dat bosbranden in Californië veroorzaakt zouden zijn door Joodse ‘spacelasers’.
Trump heeft dit deels aan zichzelf te wijten: de zwaar gecensureerde, zwartgelakte rapporten die zijn vrijgegeven over de zaak-Epstein, laten nogal wat aan de verbeelding over. Was het niet de president zelf die de doos van Pandora opende door in zijn verkiezingsstrijd met Hillary Clinton complottheorieën over pedofiele netwerken — QAnon en ‘pizza-gate’ — te omarmen? En uiteraard is de Joodse achtergrond van Epstein gefundenes Fressen voor de Nick Fuentes, de Tucker Carlsons en de Candace Owens, die proberen de toch al zo beïnvloedbare ziel van Maga te vergiftigen met meer en meer Jodenhaat.