Cultuur

Kunsjt: Paaaaaatttttssssssss!

Jaron Beekes 08 augustus 2021, 10:00
Kunsjt: Paaaaaatttttssssssss!

Opeens waren ze overal: granaatappels, en dan vooral de pitten. Op geroosterde aubergines. In witlof-, bloemkool- en spinaziesalades. In smoothies. Door de rijst, de couscous of de quinoa. Al een paar jaar kun je geen hippe lunchtent in Amsterdam-Zuid binnenlopen of de zoete rode pitjes vliegen je om de oren. Met dank aan Yotam Ottolenghi. En het geloof dat het gaat om ‘superfood’ dat je welhaast magische krachten geeft, net als de avocado en de gojibes. Granaatappels worden tegenwoordig zelfs tot de afrodisiaca gerekend, aangezien ze testosteronverhogend zouden werken. Maar dit is niet de kookrubriek. Ik wil het graag hebben over een ander aspect van de granaatappel.

Weinig vruchten zijn namelijk zo met symboliek beladen. De oude Grieken, Egyptenaren, zelfs boeddhisten dichtten hem bijzondere betekenis toe en ook in het jodendom is de granaatappel niet zomaar een vrucht. Dat begon al bij Adam en Eva. Volgens sommigen was de verboden (maar niet nader gespecificeerde) vrucht die zij in het paradijs aten geen appel, maar een granaatappel. Wat best knap zou zijn, want het ontpitten is een crime, zeker zonder keukengereedschap.

Ook koning Salomon had een voorliefde voor de vrucht. De tempel die hij bouwde, liet hij versieren met afbeeldingen ervan en in het aan hem toegeschreven Hooglied worden de wangen van de vrouw vergeleken met granaatappeltjes. Ze staan voor vruchtbaarheid, leven en wedergeboorte, vandaar hun alomtegenwoordigheid rond Rosj Hasjana. Maar ook voor eenheid in veelheid, vanwege de vele pitjes. In Israël is het een van de zeven Bijbelse, nationale gewassen en zie je ze nog meer dan in hipstercentrum De Pijp.

Maar de bijzonderste toepassing van de granaatappel die ik ken, komt niet uit de Bijbel. Dat is een videowerk van Ori Gersht. In Rimon (2006) heeft de Israëlische kunstenaar een stilleven van de Spanjaard Juan Sánchez Cotán uit 1602 minutieus gereconstrueerd. De compositie en belichting zijn nagenoeg hetzelfde, maar de kweepeer die in het schilderij aan een touwtje hangt (om hem tegen ongedierte en rotting te beschermen) is vervangen door, u raadt het al, een granaatappel. Op het eerste gezicht denk je naar een schilderij te kijken. Maar dan verschijnt plotseling een kogel in beeld, die de granaatappel in superslowmotion uiteen doet spatten. (Mocht u denken: waar heb ik dit laatst eerder gezien? Rijksbouwmeester Floris Alkemade liet een soortgelijk werk zien in het tv-programma Zomergasten, op 18 juli.)

Ori Gersht verbindt niet alleen zeventiende-eeuwse schilderkunst aan moderne technologie (zijn camera filmt 1600 beelden per seconde). Hij verbindt ook een eeuwenoud levenssymbool aan de harde Israëlische realiteit. De kunstenaar groeide op in Tel Aviv in een tijd dat aanslagen daar nog geregeld voorkwamen. Het felrode, opspattende sap roept onvermijdelijk associaties op met een bloedbad. In één ogenblik verandert een verstilde, uitgebalanceerde compositie van groente en fruit in een bloederige explosie. Het is een beeld dat betovert: geweld en schoonheid vechten om de aandacht. Veelzeggend is dat het Hebreeuwse rimon, de titel van de video, behalve granaatappel ook handgranaat betekent.

Nóg een toepasselijk dwarsverband: Cotán, de schilder van het stilleven waarop Gersht zich baseerde, was monnik in Granada (Spaans voor granaatappel), een stad oorspronkelijk gesticht door Joden. Toegegeven, misschien is dit wat vergezocht en heeft de kunstenaar het nooit geweten. Wat ik maar wil zeggen, is dat Ori Gersht op een virtuoze manier speelt met symbolen en verwijzingen. Een veelheid aan betekenis, verenigd in één vrucht. Het is maar de vraag of de foodies in Amsterdam-Zuid, slurpend aan hun supersmoothies, daarbij stilstaan

Foto: Ori Gersht, Rimon, 2006, 3:52 min, Israel Museum, Jeruzalem

Tags dit artikel heeft geen tags
Opmerkingen (0)
Plaats opmerking

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *