Nieuws

Mazzel tov en merhaba

Marokko gaat zijn betrekkingen met Israël normaliseren. Wat heeft dit voor consequenties, ook voor ons land?

Bart Schut 17 december 2020, 10:20
Mazzel tov en merhaba

En toen waren het er vier. Na de Verenigde Arabische Emiraten (VAE), Bahrein en Soedan, voegde vorige week het koninkrijk Marokko zich bij het rijtje landen dat zijn relaties met Israël wil normaliseren. Hoewel, je mag intussen gerust van een ‘rij’ spreken, wanneer je bedenkt dat Egypte (formeel sinds 1980) en Jordanië (1994) al decennialang volledige diplomatieke betrekkingen hebben met de Joodse staat.

Marokko dus, een vooral symbolisch grote vis voor de Abraham-akkoorden, die tot stand kwamen op initiatief van president Donald Trump en zijn schoonzoon Jared Kushner. Gezien de belangrijke Joodse geschiedenis van het Noord-Afrikaanse koninkrijk is het merhaba (‘welkom’) van Trump bijzonder belangrijk. “Opnieuw een historische doorbraak vandaag! Onze twee grote vrienden Israël en het koninkrijk Marokko zijn volledige diplomatieke betrekkingen overeengekomen – een enorme doorbraak voor vrede in het Midden-Oosten,” schreef de vertrekkende president op Twitter.

Wisselgeld
De verhoudingen tussen Israël en Marokko zijn al decennia goed, zij het off the record. Het koninkrijk kan rekenen op een belangrijke economische impuls als straks honderdduizenden Israëli’s het land van hun voorouders willen bezoeken, wat de druk op de snel slinkende Joodse gemeenschap in Marokko (ooit meer dan 250 duizend leden groot, nu zijn dat er minder dan drieduizend) kan verlichten. Toch lijkt Rabat vooralsnog geen plannen te hebben een ambassade te openen in de Joodse staat; wel komt er een ‘diplomatieke vestiging’ in Tel Aviv, zoals het land die ook al voor 2002 had.

Natuurlijk nemen de Marokkanen deze stap niet enkel vanwege hun liefde voor Israël of ter wille van de vrede in het Midden-Oosten. Het wisselgeld mag er zijn: Washington heeft aangekondigd de Marokkaanse soevereiniteit over de Westelijke Sahara te erkennen. Dit tot grote woede van buurland Algerije en de Saharaanse verzetsbeweging Polisario, die overweegt de gewapende strijd in het gebied te hervatten. Ook de vorige week aangekondigde Amerikaanse wapenverkoop ter waarde van bijna 1 miljard euro zal de beslissing in Rabat aanzienlijk vergemakkelijkt hebben.

En toch, bijzonder is de stap van de Marokkaanse regering wel degelijk. Vooral wanneer wordt bedacht dat deze wordt geleid door de islamistische premier Saadeddine Othmani van de Partij voor Gerechtigheid en Ontwikkeling (PJD – nota bene gevormd naar het model van de AKP van de Turkse president Erdogan). Aan de andere kant heeft Othmani geen andere keuze dan akkoord te gaan met de nieuwe relatie met Israël. De macht in Rabat ligt primair niet bij de regering, maar bij het koninklijk paleis. Op geen enkel gebied is dit duidelijker dan in het buitenlands beleid, dat wordt gezien als een exclusief prerogatief van koning Mohammed VI.

Ons land
Naast de diplomatieke en economische voordelen voor Marokko kan de beslissing ook invloed hebben op de Nederlands-Marokkaanse gemeenschap, waarin Mohammed VI een niet te onderschatten gezag geniet. Een betere relatie tussen het koninkrijk en Israël zal zijn weerslag hebben op de relatie tussen de Joodse en de Marokkaanse gemeenschap, traditioneel een bolwerk van antisemitisme in ons land. De Israëlische ambassadeur Naor Gilon is in ieder geval optimistisch: “Wij hebben al een goede relatie met de leiders van de Marokkaanse gemeenschap hier in Nederland, en deze beslissing kan alleen maar positieve effecten met zich meebrengen. Extremisten zullen er niet minder extremistisch door worden, maar de meer gematigde stemmen zullen zeker sterker kunnen worden.”

Het spectrum van islamitische landen waarmee de Joodse staat nu betrekkingen heeft, loopt van Marokko in het uiterste westen tot de VAE in het oosten. Spoedig zou die oostgrens weleens een halve wereld kunnen opschuiven. Er zijn sterke aanwijzingen dat Indonesië, de meest bevolkingsrijke moslimstaat met meer dan 270 miljoen inwoners, overweegt formele betrekkingen met Israël aan te knopen. Vooralsnog ontkent Djakarta, wat Oman de grootste kanshebber maakt zich als eerstvolgende aan de Abraham-akkoorden te committeren.

De grote vraag is echter: zal na Trumps vertrek op 20 januari president Joe Biden zich even enthousiast inzetten voor de ontspanning tussen Israël en de Arabische en islamitische wereld als zijn voorganger dat deed? De belangrijkste reden voor optimisme ligt niet in Washington, maar in Riaad. Want de stille kracht achter de akkoorden lijkt toch vooral Saoedi-Arabië. Het woestijnkoninkrijk zegt zelf nog niet klaar te zijn voor een normalisering van de betrekkingen met Israël, maar het is achter de schermen druk bezig andere landen de weg daarnaartoe te laten effenen. Dat bleek ook in het geval van Marokko. Het besluit van Rabat werd uitgebreid – en zeker niet negatief – besproken in de Saoedische pers, wat slechts een paar jaar geleden nog ondenkbaar geweest zou zijn.

Foto: Dreamstime

Tags dit artikel heeft geen tags
Opmerkingen (0)
Plaats opmerking

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *