Nieuws

Column: Bang

Redactie 19 februari 2015, 00:00
Column: Bang

NaamloosHeb je misschien nog een paar bange Joden voor me in de aanbieding? Het allermooiste zou zijn: eentje die zijn ketting met davidster niet meer durft te dragen.”
Met vragen als deze word ik, meestal in iets diplomatieker vorm, sinds de aanslagen in Parijs heel vaak benaderd. Nederland wil graag weten of het al begonnen is: de vlucht van de Nederlandse Joden. Er klinkt geregeld ook het gebruik van een naargeestig stereotype in door: de bange, angstige Jood die elk moment op de vlucht kan slaan.
Het heeft allemaal weinig te maken met de dagelijkse werkelijkheid waar Joden mee te maken hebben. Natuurlijk maken veel mensen in Joods Nederland zich toenemend zorgen over de veiligheidssituatie. Er bestaat angst. Daar is ook aanleiding toe. Met de dodelijke moordaanslag afgelopen week bij een bat mitswa-feest in Kopenhagen is de terreurdreiging wel heel dichtbij gekomen. Maar daadwerkelijk vluchten vanwege antisemitisme, dat is een ongekend grote stap. Het betekent: een totaal nieuw leven beginnen, de stad of het dorp waar je van houdt achter je laten, het land waar je familie soms al eeuwen woont.
In schril contrast met deze gretige interesse in vluchtende Joden weigerde een meerderheid van de Tweede Kamer in januari om meer geld beschikbaar te stellen voor de beveiliging van Joodse instellingen. Een onbegrijpelijke beslissing. Ook wacht ik nog altijd op een goed antwoord op de vraag waarom in Nederland geen veiligheidsmaatregelen worden getroffen zoals in Frankrijk en België, met zwaarder getraind en bewapend personeel. Omdat we geen zin hebben in mensen met zware wapens op straat? Omdat we niet toe willen naar ‘zo’n samenleving’? Het lijkt mij in ieder geval te verkiezen boven een samenleving waarin onverantwoorde risico’s worden genomen waar het gaat om de veiligheid van minderheden. Er zijn aanwijzingen dat het standpunt van de regering, mede onder druk van het Centraal Joods Overleg, aan het veranderen is. Woorden van de regering over solidariteit met de Joden hebben vooralsnog – zacht gezegd – een vervelende bijsmaak of harder geformuleerd: klinken als holle retoriek. De mate van beschaving van een land kan je mede afmeten aan de omgang met minderheden. Dat betekent misschien wel in de allereerste plaats: wanneer dat nodig is ze de noodzakelijke fysieke bescherming bieden.
Het is me wat hoor, met die angstige, bange Joden.

Tags dit artikel heeft geen tags
Opmerkingen (0)
Plaats opmerking

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *