Dagboek

En toch ben ik happy met mijn baantje.

Opperrabbijn Jacobs schrijft op verzoek van het Joods Cultureel Kwartier in zijn dagboek over maatschappelijke en religieuze zaken. In deze coronatijd worden extra uitdagingen gesteld aan zijn taak. Het NIW publiceert deze stukken twee keer per week.

Opperrabbijn Binyomin Jacobs 25 oktober 2021, 12:00
En toch ben ik happy met mijn baantje.

We waren het weekend in Londen. Zondag was de sterfdag van mijn schoonvader en tevens vierde een van onze kleindochters haar Bat Mitswa. Voeg dan daaraan toe dat ik door een virus ben getroffen en er heel veel gezeur was rondom de betaling van mijn kantoor, en u zult dus niet verbaasd zijn dat nu een redelijk vermoeide rabbijn zijn dagboek zit te schrijven. Wat het meest vermoeiend is met het gezeur over mijn kamer, is niet het probleem van ‘zoete lieve Gerritje…’, want dat gaat gewoon na enige discussie zeker opgelost worden, want zo ingewikkeld is het niet. En bovendien is het ook niet mijn probleem, maar het probleem van mijn bestuurders. Wat mij stoort is de verhalen die eromheen worden gefabriceerd.

Ik leg het uit: A: Heb je het al gehoord? Reb Moshe heeft gestolen! B: Reb Moshe gestolen, zo’n grote rabbijn en zo’n vrome man? Hoe weet jij dat het klopt? Van wie heb jij het gehoord? A: van Z. B gaat naar Z en vraagt hem: Klopt het dat Reb Moshe gestolen heeft? Z: Dat klopt, maar hij heeft niet zomaar gestolen, hij heeft van sjoel gestolen. B: Maar hoe weet jij dat het klopt? Reb Moshe is zo’n vrome gelovige man. Hoe kan hij nou gaan stelen. Okay, niet zomaar een ordinaire diefstal, maar van sjoel. Dat kan toch niet. Van wie heb jij dat gehoord? Z: Y wist me dat te vertellen. En dus gaat B naar Y: Klopt het dat Reb Moshe van sjoel heeft gestolen? Zo’n vrome man, dat is toch haast ondenkbaar! Waarop Y reageert: het klopt dat hij van sjoel heeft gestolen, maar niet zomaar iets, neen, een Sefer Thora, een Thora-rol. B: Toch begrijp ik dat niet, want een Sefer Thora kost toch al gauw zo’n €60.000! Hoe kon Reb Moshe dat stelen? Van wie heb je dat gehoord? Van X. B gaat vervolgens naar X en vraag aan X: Klopt het dat Reb Moshe een Sefer Thora heeft gestolen? X: Dat klopt! B: Weet je zeker dat Reb Moshe inderdaad een Sefer Thora heeft gestolen en van wie heb je dat dan gehoord? Y: van W!  B gaat vervolgens naar W en vraagt aan W: Klopt het dat Reb Moshe een Sefer Thora uit sjoel heeft gestolen? Neen, antwoordt W, geen Sefer Thora, maar een gewoon sefer (Joods boek) en dat kost maar €25,00. Toch begrijpt B. het niet, want ook een sefer-boek kost geld. Hoe kan Reb Moshe die zo vroom en godvrezend is, gestolen hebben? Van wie heb je dat gehoord? W: Van V! En dus gaat B naar V met de vraag of het klopt dat Reb Moshe een sefer heeft gestolen. Waarop V verbaasd reageert: Reb Moshe heeft niets gestolen. Reb Moshe hield een toespraak en er werd gezegd dat hij zijn toespraak uit een sefer, uit een boek, had gestolen.  En zo wordt er gefantaseerd en wordt van een mug een olifant gemaakt. Wat is er aan de hand met mijn kamer en met de ‘gestolen’ toespraak? Kwaadsprekerij, roddel, achterklap.

En terwijl ik dit dagboek nog niet heb afgeschreven, krijg ik een moeder aan de telefoon. Haar enige zoon is uit zijn baan gezet dankzij lasterpraat die aantoonbaar niet klopt. En vanuit Israël een telefoontje om een Europees Beth Din op te richten die jonge rabbijnen gaat helpen met ingewikkelde vraagstukken over de vraag wie wel of niet Joods is. Wat heeft roddel te maken met het Jood-zijn van iemand vast te stellen? Als de persoon inderdaad Joods is, speelt er geen roddel. Maar als de persoon zegt Joods te zijn maar het volstrekt niet is en de Rabbinale verklaring wil hebben voor een uitkering, dan is natuurlijk de rabbijn schuldig…! En toch ben ik erg happy met mijn baantje!

Dit is een persoonlijk dagboek van de opperrabbijn en valt buiten de verantwoordelijkheid van de redactie.

Tags dit artikel heeft geen tags
Opmerkingen (0)
Plaats opmerking

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *