Column

Inreisverbod

Column Max van Weezel

Redactie 17 maart 2017, 00:00
Inreisverbod

Zou er een rechtstreeks lijntje lopen van het Witte Huis naar de ambtswoning van Benjamin Netanyahu in Jeruzalem? In elk geval is het opmerkelijk dat in de hoofdsteden van de Verenigde Staten en Israël opeens veel enthousiasme bestaat voor het afkondigen van inreisverboden.

Op 27 januari ondertekende Donald Trump het decreet dat de inreis van burgers uit Irak, Iran, Libië, Somalië, Soedan en Jemen naar Amerika verbood. Na kritiek van demonstranten en de rechterlijke
macht (‘deze maatregel is discriminerend’) werd dat decreet aangepast. Zo is Irak van de zwarte lijst afgehaald. Maar Trump wekt nog steeds de indruk dat hij vooral moslims wil weren.
Een paar weken later kwam Israël met zijn eigen ‘travel ban’: voorstanders van een economische en culturele boycot van de Joodse staat zouden voortaan bij de grens worden teruggestuurd. De Knesset besloot dat op voorstel van Het Joodse Huis, de ultranationalistische partij van minister van Onderwijs Naftali Bennett. Ook de afgevaardigden van Netanyahu’s Likoedpartij stemden voor. Het inreisverbod geldt ook voor personen die oproepen tot een boycot van producten uit de Joodse nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever en daarom keerden de Zionistische Unie en Meretz zich tegen het voorstel. Je kunt tegenstanders van het nederzettingenbeleid toch moeilijk verbieden een strandvakantie in Tel Aviv of Eilat door te brengen, vonden zij.
Ik wil er geen enkel misverstand over laten bestaan: ik verafschuw de BDS (boycot, desinvesteringen en sancties)-beweging, die Israël op één lijn stelt met het voormalige Zuid-Afrikaanse apartheidsbewind en actie voert tegen bedrijven die in Israël investeren, academici die aan uitwisselingsprogramma’s met de Hebreeuwse Universiteit en het Technion deelnemen en popsterren die willen optreden in het Yarkon Park aan de rand van Tel Aviv. BDS is eropuit de Joodse staat te delegitimeren en dat kan er alleen maar toe leiden dat het conflict in het Midden-Oosten nog verder op de spits wordt gedreven.

Familiebezoek
Lastiger vind ik de kwestie van de producten uit de Joodse nederzettingen. Tenslotte zijn die volgens internationaal recht illegaal. Ik kan me goed voorstellen dat supermarkten moeten aangeven of de Golan-wijn, Jordan River-dadels en handcrème van Ahava in hun schappen uit Israël zelf of uit de in 1967 veroverde gebieden afkomstig zijn. Maar een boycot van producten uit de nederzettingen gaat mij persoonlijk weer veel te ver.

Waarom zou je niet tegen het nederzettingenbeleid kunnen protesteren en toch op vakantie naar Israël willen gaan?

Toch vind ik de wet die de Knesset heeft aangenomen behoorlijk mesjogge, want waarom zou je niet tegen het nederzettingenbeleid kunnen protesteren en toch op vakantie naar Israël willen gaan? Of op familiebezoek, want in Amerika heb je ook Joden die zich voor de BDS-beweging hebben uitgesproken – zoals de leden van de organisatie Jewish Voice for Peace. Mogen zij vanwege hun standpunt voortaan hun opa en oma in Herzlia niet meer opzoeken? Dat zou rechtstreeks in botsing komen met het uitgangspunt dat Joden in Israël altijd welkom zijn. En hoe moet het met functionarissen van de Verenigde Naties, de Europese Unie en andere internationale organisaties die het nederzettingenbeleid afwijzen? Vallen die ook onder de ‘travel ban’ of niet? Zoals de Britse krant The Independent opmerkte: volgens het inreisverbod zou Labour-leider Jeremy Corbyn op Ben Gurion moeten worden aangehouden, want hij heeft zich uitgesproken voor een boycot van producten uit de nederzettingen. Een onwerkbare wet dus die beter kan worden ingetrokken. Aan één Donald Trump heeft de wereld meer dan genoeg.

Tags dit artikel heeft geen tags
Opmerkingen (0)
Plaats opmerking

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *