Ontaard museum
Gastopinie

Ontaard museum

Walther Schoonenberg 03 december 2023, 08:00
Ontaard museum

In een tekst op zijn website verklaart het Amsterdam Museum zeer geschokt te zijn door ‘het heftige geweld tegen onschuldige burgers in de Palestijnse gebieden en Israël’. Volgens het museum is er door de ‘ernstige escalatie van het geweld […] een acute humanitaire crisis voor de mensen in Gaza, waarvan bijna de helft kinderen.’ En er is een diepere oorzaak, want het drama duurt al ‘ruim 75 jaar’. De oplossing: een duurzaam vredesproces. Nu meteen: ‘een wederzijds staakt-het-vuren, het toelaten van noodhulp voor Gaza, de vrijlating van alle gijzelaars, en de handhaving van internationaal recht en internationaalrechtelijke uitspraken.’ Het museum acht het van belang ‘in deze tijden barmhartig naar elkaar te zijn, juist in een stad als de onze’.

Daarin schiet de verklaring zijn doel voorbij, want voor één partij, de Joodse, komt de verklaring allesbehalve barmhartig over. De terreuraanslag van 7 oktober, waarin 1200 mannen, vrouwen en kinderen werden gemarteld, verkracht en afgeslacht, wordt immers niet eens genoemd. Had de verklaring niet met de grootste moord op Joden na de Holocaust moeten beginnen? Het is een typische ja-maarverklaring en gaat zelfs nog een stap verder. De schuld ligt, suggereert het museum, geheel bij de Joodse staat die al 75 jaar bestaat. Israël mag zich klaarblijkelijk niet verdedigen tegen Hamas. De organisatie wordt niet eens genoemd. Nu om een wapenstilstand vragen, betekent: zeggen dat Israël de wapens moet neerleggen.

Stippenkaart

Het Amsterdam Museum was vroeger een gemeentelijk historisch museum, maar heeft zich de laatste jaren ontwikkeld tot een actiecentrum, waar propaganda in de plaats van de geschiedschrijving komt. Onvolledige geschiedschrijving, want het museum besteedt geen enkele aandacht aan de beruchte ‘stippenkaart’. Zou een lokaal historisch museum niet aandacht moeten besteden aan die kaart uit 1941 die ambtenaren opstelden om de Jodenvervolging mogelijk te maken? Een kaart die aantoont dat de gemeente medeverantwoordelijk is voor de vernietiging van het Amsterdamse jodendom? De ‘stippenkaart’, waarop de Joodse bevolking van Amsterdam als een bacteriologische infectie is ingetekend, is misschien wel het belangrijkste object inzake de gemeente Amsterdam in de jaren ’40-’45. Waarom hangt deze kaart dan niet in het museum? Te pijnlijk? Juist dan! Als het om de slavernij gaat, deinst het museum er toch evenmin terug voor confrontatie? Er wordt met twee maten gemeten: het kenmerk van antisemitisme.

Waarom hangt de ‘stippenkaart’ niet in het historisch museum? Te pijnlijk?

Klaarblijkelijk mag dat van het gemeentebestuur, ook al zou het museum van ons allemaal moeten zijn. Het begon met de naamsverandering en de grotere nadruk op tijdelijke tentoonstellingen over modieuze onderwerpen. De aandacht voor slavernij is op zich wel begrijpelijk, maar vliegt uit de bocht door de inbedding in het radicaallinkse narratief. Daarin worden relaties gelegd met het heden, onder meer door de aandacht te vestigen op Black Lives Matter. De term ‘Gouden Eeuw’ is verbannen, want die zou de donkere keerzijde van de belangrijkste periode in de Republiek verdoezelen, de eeuw waarin kunst, wetenschap en handel floreerde. Het museum is ontaard, want het gaat steeds minder om verhalen uit de rijke geschiedenis van Amsterdam waarvoor het ooit was opgericht. Respect voor het eigen erfgoed heeft de directie ook al niet, zoals bleek uit de rigoureuze verbouwingsplannen voor het Burgerweeshuis waarin het gevestigd was. Het museum is volledig van het padje af.

Wit

Wie beter wil begrijpen wat het achterliggende denken van de huidige museummedewerkers is, moet het artikel van historicus Simon Sebag Montefiore lezen over het decolonization narrative. Dat is een gevaarlijke en omstreden radicaallinkse ideologie die steeds meer in academische kringen wordt aangehangen en de plaats verdringt van objectieve en op feiten gebaseerde wetenschapsbeoefening. In dat kader wordt Israël als een imperialistisch–kolonialistisch project gezien. Het is een racistische theorie, want Joden zijn wit, dus schuldig en Palestijnen zijn ‘mensen van kleur’, dus per definitie onschuldig. 

De stap naar het bagatelliseren van het bloedbad van Hamas als een begrijpelijke reactie op de Joodse ‘koloniale onderdrukking’ is dan snel gezet. Evenals de gelijkstelling van een bloedblad en de reactie daarop, de omdraaiing van goed en fout. Het is dit denken, populair in linkse kringen, dat door-klinkt in de infame verklaring van het museum. 

Joden kunnen het museum voortaan beter mijden. Het is treife.

Walther Schoonenberg is architectuurhistoricus en werkzaam voor de Vereniging Vrienden van de Amsterdamse Binnenstad. Hij schrijft deze column op persoonlijke titel.

Plaats opmerking