Dagboek

Opperrabbijn door politie van bed gelicht!

Opperrabbijn Jacobs schrijft op verzoek van het Joods Cultureel Kwartier dagelijks in zijn dagboek over maatschappelijke en religieuze zaken. In deze coronatijden worden extra uitdagingen gesteld aan zijn taak. Het NIW en CIP publiceren deze stukken dagelijks.

Opperrabbijn Binyomin Jacobs 09 juni 2021, 15:46
Opperrabbijn door politie van bed gelicht!

Gewoonlijk word ik uit mezelf ’s morgens wakker. Of beter gezegd: meestal midden in de nacht en af en toe ’s morgens. Maar, of de duivel ermee speelt, zo zeggen we dat in ons calvinistische Nederland, ging het gisterochtend helemaal mis. Ik had moeten opstaan om 5 uur, kop koffie, ochtendgebed, ontbijt en dan de auto in om een belangrijke rabbijn uit de USA van Schiphol te halen met wie ik de hele dag (en de halve nacht) zou optrekken om hem voor te stellen aan diverse pro-Israël politici en pro-Israël organisaties en fondsen, met als doel geld en goodwill in te zamelen voor Israël in een periode dat alles uit de kast wordt gehaald om Israël in diskrediet te brengen en de Joden te demoniseren. Maar ik ben door de wekker heen geslapen of had hem niet goed aangezet of in mijn slaap uitgezet. Om 6:45 uur hoor ik een enorm lawaai; keihard wordt er op de ramen gebonkt. Politie! Politie! Mijn chauffeur die weet dat ik (bijna) altijd stipt op tijd ben, had alle hem bekende telefoonnummers gebeld, aangebeld, geroepen en, gemakshalve, uitgaande van iets naars, 1-1-2 gebeld. En die weten van wakker maken. Nog net geen voorpagina van de Telegraaf: “Opperrabbijn door politie van bed gelicht! Rabbijn ontkende meteen.” Ik in mijn kleren gesprongen en nog half versuft zat ik binnen een paar minuten in mijn auto. Verder was het een boeiende dag met prachtige ontmoetingen die toonden dat Israël ook vele vrienden heeft. Maar op het vliegveld aangekomen, waar mijn gast al door de bagage was, werd ik door een beveiliger aangesproken. Wat krijgen we nou, dacht ik nadat ik ook al die politie op m’n dak had gehad, wat nu weer! Of ik Ivriet sprak. Ja, zei ik braaf en toen moest ik meekomen. Neen, niet opgepakt, maar er zat een Israëliër op een bankje die niet bepaald over een grote talenknobbel beschikte en waarmee ze geen contact konden krijgen. En of ik dan even wilde vertalen. Dat wilde ik wel, maar om 9 uur hadden we in Amersfoort onze eerste afspraak en mijn gast was al bijna door de douane naar buiten gekomen. Om een lang verhaal kort te maken: De man moest terug naar Israël maar kon geen ticket kopen omdat hij geen verklaring had dat hij negatief was getest. En dus was hij op zoek naar een teststation. Ik hem dus meegenomen en bij het teststation kon hij zich laten testen voor €65. Uitslag de volgende ochtend. Maar voor een spoedtest moest hij €225 betalen. Ik raadde hem aan om het zekere voor het onzekere te nemen en de duurste test te doen, maar kleine bijkomstigheid, hij had geen geld voor een test. Hoe hij dan wel geld had voor een ticket begreep ik niet helemaal, maar misschien ontging mij die logica omdat het Hebreeuws toch niet mijn moedertaal is!? Uiteindelijk is hij maar naar het Mercure Hotel gegaan om daar te overnachten. Op mijn vraag naar welk Mercure Hotel hij ging, antwoordde hij mij het Mercure Hotel in Groningen. Een klein eenvoudig optelsommetje leerde mij dat een retour Groningen en een overnachting Mercure-Hotel, de kosten van de test, die hij dus weigerde te betalen, ruim zouden overschrijden. Wij hebben die dag iets minder dan 600 km afgelegd en prachtige contacten gemaakt ten behoeve van ons aller Israël. Om 23:15 uur was ik gevloerd thuis om de volgende ochtend om 6:45 uur mijn gast in een taxi te stoppen op weg naar Schiphol.

En verder? Een gesprek hedenmiddag bij ons thuis, met een hoogbejaarde niet-Joodse vrouw. Ze wilde ons spreken, haar vader was burgemeester geweest van Rossum, weigerde de Jood verklaringen af te geven en is daarom van de radar verdwenen en in het verzet beland. Dochter, in 1943 dertien jaar oud, had in Zaltbommel de Joden naar de treinen zien marcheren. Ze was ziedend en weigerde prompt aan de Duitse les deel te nemen, werd van school gezet en lijdt tot vandaag de dag aan die waanzinnige beelden van toen. Zij was de laatste twintig jaar bevriend met een Joodse man, die ook wel en niet de oorlog had overleefd. Die Joodse vriend was recentelijk overleden en hij had mij gevraagd om voor haar te zorgen als hij er niet meer zou zijn. Zij was vanmiddag bij ons op bezoek en vroeg of ze met ons bevriend mocht blijven…..omdat ze dagelijks leed onder die optocht van de Joden van Zaltbommel die afgevoerd werden om nimmer weer te keren.

Dit is een persoonlijk dagboek van de opperrabbijn en valt buiten de verantwoordelijkheid van de redactie.

Tags dit artikel heeft geen tags
Opmerkingen (0)
Plaats opmerking

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *