Wat is het verschil tussen onderhandelingen onder leiding van J.D. Vance waarvan Israël is uitgesloten en overleg onder leiding van Marco Rubio waaraan de Joodse staat wél meedoet? Een wereld. Want terwijl de internationaal onervaren Amerikaanse vicepresident zich volledig liet inpakken door Iran, met assistentie van Pakistan en Qatar, kwamen Israël en Libanon onder toezicht van de VS-minister van Buitenlandse Zaken tot een overeenkomst die gerust historisch genoemd mag worden.
Het is het verschil tussen een op zijn best goedbedoelende dilettant als Vance en de professionele Rubio, die zich wekenlang heeft staan verbijten omdat hij door zijn baas Donald Trump buiten de onderhandelingen met Iran werd gehouden. De president zou zich eens goed achter de oren moeten krabben, want als zelfverklaard meester van de art of the deal zal hij moeten toegeven dat wat zijn tweede man bereikte tegen de Islamitische Republiek schraal afsteekt bij het akkoord dat Rubio bereikte tussen Libanon en Israël.
Hoe goed die overeenkomst is voor de betrokken partijen? De reactie van Hezbollah zegt alles: de sjiitische terreurorganisatie heeft verklaard zich niets te zullen aantrekken van de bepalingen van het akkoord en dreigt zelfs Libanon in een nieuwe burgeroorlog te storten. Zo hoort het. Niet die burgeroorlog natuurlijk, maar de militaire verliezer van de oorlog hoort niet in alles zijn zin te krijgen. De woede van Hezbollah is een uitstekend meetinstrument voor de waarde van het akkoord van Washington.
Decennialang ondenkbaar
Net als het inmiddels beruchte Memorandum of understanding tussen de VS en de Islamitische Republiek, bestaat de overeenkomst tussen Jeruzalem en Beiroet uit veertien punten. De belangrijkste elementen zijn dat beide landen uitspreken elkaars territoriale integriteit te respecteren (een geheel nieuw element voor Libanon in de relatie met de tot nu toe zo verfoeide Joodse staat), en dat Hezbollah geen enkel recht, geen enkele rol wordt toegekend op het Libanese grondgebied.
Hoewel Israël heeft toegezegd zich volledig uit het noordelijke buurland terug te trekken, mag het dat naar eigen inzicht en tempo doen. En dat met de zegen van de regering in Beiroet die eigenlijk niet veel minder doet dan de Israëlische zijde kiezen in het conflict met Hezbollah. Dit was decennialang ondenkbaar, maar na de val van het Assadregime in Syrië en het demasqué van Iran als militaire grootmacht, zien de gematigde christelijke en soennitische krachten in Libanon hun kans schoon zich van het Hezbollahjuk te bevrijden.
De woede van Hezbollah is een uitstekend meetinstrument voor de waarde van het akkoord
Dat zal dan moeten gebeuren door de IDF, want het Libanese regeringsleger, afgekort LAF, is voorlopig te diep geïnfiltreerd door Hezbollah(sympathisanten). De wens van Donald Trump dat het Syrische regime van president Ahmed Sharaa Hezbollah maar moet aanpakken, toont de beperkte kennis van de Amerikaanse president over het Midden-Oosten. Al-Sharaa, alias Al Qaida-commandant Abu Mohammed Al-Jolani, heeft niet eens zijn eigen grondgebied geheel onder controle. Zijn leger heeft nauwelijks zwaar of modern materieel, en belangrijker nog: waarom zou Syrië in vredesnaam Libanon willen binnenvallen om Hezbollah, dat geen directe bedreiging voor Damascus vormt, aan te pakken?
Vrijbrief aan de IDF
Terwijl Iran en Hezbollah inzetten op een totale Israëlische aftocht uit Libanon, draagt de IDF slechts twee kleine stukjes Libanon over aan de LAF, grondgebied dat bovendien grotendeels buiten de door Israël ingestelde veiligheidszone in het zuiden van het buurland ligt. Zoals Israël de onderhandelingen met Iran niet kon beïnvloeden omdat het daaraan niet mocht meedoen, zo is Iran er niet in geslaagd zijn agenda voor Libanon door te duwen omdat het niet bij die gesprekken aanwezig was.
“De regering van Libanon verwerpt aanspraken van enige staat of niet-statelijke partij om in haar naam geweld te gebruiken,” is te lezen in punt 6 van de overeenkomst. Dit is duidelijk gericht aan Iran en Hezbollah, die hiermee politiek en militair buitenspel gezet worden door Beiroet. Eigenlijk geeft de regering van de christelijke president Joseph Aoun en de soennitische premier Nawaf Salam, beiden gezworen vijanden van Hezbollah, een vrijbrief aan de IDF in het land te blijven en naar eigen goeddunken op te treden tegen de ‘Partij van God’.
Daarbij zou Israël er verstandig aan doen een zo laag mogelijk profiel te behouden. Dat betekent: zo weinig mogelijk luchtaanvallen op de sjiitische buitenwijken van Beiroet, om de Libanese en Amerikaanse regeringen te vriend te houden. Daar zit de achilleshiel van de overeenkomst: het is aannemelijk dat Hezbollah alles zal proberen Israël zo te provoceren met nieuwe raket- en droneaanvallen op het noorden van de Joodse staat, dat de IDF hard terugslaat, bijvoorbeeld in het terreurbolwerk Dahieh in het zuiden van de Libanese hoofdstad.
Dooi
Als de Israëli’s het slim spelen en dat niet doen, bestaat de kans dat zij onbeperkte tijd aan hun veiligheidszone in Zuid-Libanon kunnen vasthouden, mogelijk zelfs met de LAF als buffer tussen hen en Hezbollah. Intussen is het de bedoeling dat met Amerikaanse hulp het Libanese leger hervormd en gemoderniseerd wordt, om een eventuele strijd met de sjiitische terreurbeweging uit te vechten. Vroeg of laat zal die er moeten komen, als Libanon verder voorwaarts wil. Tegelijkertijd wordt er verder onderhandeld over een permanente vrede tussen Jeruzalem en Beiroet. Verwacht niet onmiddellijk dat Libanon zal toetreden tot de Abrahamakkoorden, maar een verdere dooi is duidelijk in het belang van beide landen.
Dat Beiroet zich aan dit akkoord heeft verbonden, is verbluffend
Het uiteindelijke doel wordt in punt 12 geformuleerd: “De twee regeringen verbinden zich ertoe in goed vertrouwen voort te gaan totdat een volledige en duurzame vrede is bereikt, die veiligheid, stabiliteit en welvaart brengt voor de bevolking van Israël en Libanon.” Dat zal niet zo een-twee-drie gebeurd zijn, maar het feit dat de Libanese regering zich hieraan committeert, is verbluffend in een land waar het nog steeds bij wet verboden is te onderhandelen met de Joodse staat.
Tot hier en niet verder
Vanwaar het succes van deze overeenkomst, zeker in vergelijking met de deal die J.D. Vance sloot met Iran? Los van het professionalisme van Marco Rubio en het feit dat Aoun en Salam liever gisteren dan vandaag van Hezbollah af willen, geeft één factor de doorslag: de wil van Israël de strijd voort te zetten, desnoods tegen de wensen van Washington in. Jeruzalem lijkt zich te houden aan de door Benjamin Netanyahu gestelde en door alle belangrijke politieke en militaire spelers gesteunde rode lijn: tot hier en niet verder.
Dat was waartoe Trump en Vance niet bereid waren. De oorlog voortzetten tot de overwinning is behaald en niet eerder opgeven omdat de olieprijs wat is gestegen of de opiniepeilingen tonen dat de regering aan populariteit inboet. De Israëlische bevolking is in dat opzicht veel minder naïef dan de Amerikaanse. Dat is logisch, zij heeft immers geen andere keuze. Voor de gemiddelde inwoner van Ohio, Nebraska of Maine is het Midden-Oosten ver weg en Iran noch Hezbollah vormen een echte bedreiging voor hun voortbestaan. De Israëli’s hebben maar één klein stukje grond en als zij dat niet bereid zijn met hand en tand te verdedigen, leert de Joodse geschiedenis hoe het met hen afloopt. n