Hooghartig hakketakken
Opinie

Hooghartig hakketakken

Frits Barend 15 januari 2023, 10:00
Hooghartig hakketakken

Bijna alle niet-vermoorde Europese Joden die voor, tijdens en na de oorlog zijn geboren, danken hun leven aan niet-Joden die hun ter dood veroordeelde medeburgers onderduik verschaften. De misdaad die ‘we’ hadden begaan en die werd bestraft met de gang naar de gaskamer, was de geboorte als Jood. Mijn broer, ik, onze kinderen behoren tot die ‘criminele’ minderheid die er niet had mogen zijn, maar er wel is omdat een gelovig Fries echtpaar van midden twintig in 1943 de leugen verkoos boven de waarheid.

Met gevaar voor eigen leven namen Jelle en Jeltje de Vries uit Oudega onderduikers in huis en logen tegelijkertijd dat ze van geen onderduikers wisten. Vijf jaar geleden is hun graf door de lokale basisschool De Fluessen geadopteerd en officieel nationaal monument geworden, nadat het echtpaar eerder al, helaas postuum, geëerd is met de bekende Yad Vashem-onderscheiding. Voor onze familie, voor al mijn vrienden zijn zij absolute helden, niets meer en niets minder. Juist in een verzetsmuseum verwacht je de eer voor dit soort verzetshelden die hun als helden toekomt.

Opperdeskundigen
Maar dat zie ik blijkbaar helemaal verkeerd. In interviews voor de opening van de vernieuwde tentoonstelling in het Verzetsmuseum keurde met name de conservator van het museum, Karlien Metz, gebruik van het woord ‘helden’ af voor mensen uit het verzet. Helden bestaan niet, vindt zij. Punt. Als reactie op de eerste commotie die daarover ontstond, braakte emeritus hoogleraar Hans Blom in NRC de zin ‘interessanter dan gehakketak over het woord held’ uit. Dat woord ‘gehakketak’ staat symbool voor de hooghartigheid van een zel” enoemde elite die voor ons Joden wel even bepaalt dat we niet zo moeten zeuren over dat ene woord held.

Ik heb Sonja Barend weleens gevraagd of zij ooit is geraadpleegd over zaken die ‘ons’ aangaan. Vergeet het, ‘wij’ behoren niet tot de zelfbenoemde groep opperdeskundigen als Bas Kromhout en Hans Blom die als adviseurs voor de nieuwe tentoonstelling in het Verzetsmuseum nadrukkelijk hartelijk worden bedankt. Adviseur Kromhout interviewde en passant als hoofdredacteur van het Historisch Nieuwsblad directeur Liesbeth van der Horst van het museum over de nieuwe tentoonstelling. Zo’n interview noemen wij echte journalisten een thuiswedstrijd, waarin de geïnterviewde in een ingestudeerd een-tweetje vooral niet kritisch moet worden benaderd door de interviewer, zoals je ze wel ziet in programmablaadjes met trainers van voetbalclubs bij thuiswedstrijden. En wat Blom betreft: hij laat nadrukkelijk weten dat hij geen verantwoordelijkheid draagt voor de tentoonstelling. Hij wil natuurlijk wel worden genoemd, graag zijn mening laten horen, maar tegelijkertijd niet geheel oorzaak zijn van de commotie. Daarom schrijft hij: “Wel is weer interessant na te gaan hoe in de loop van de naoorlogse jaren het woord held is gebruikt voor wie en vanwege welke daden.”

Verraadster Ja, reuze-interessant. In dit verband is het ook heel interessant na te gaan hoe in de loop van de naoorlogse jaren het woord ‘verrader’ is gebruikt voor wie en vanwege welke daden. Ik zal eerlijk bekennen dat wij de buurvrouw die mijn ouders heeft aangegeven bij de bezetter, toen ze in 1943 even bij mijn grootouders waren, als een onvoorwaardelijke verraadster zien. Tegelijkertijd zien we bij ons ook de Grüne die de huiszoeking uitvoerde, mijn moeder in de ogen keek en mijn toen eenjarige broer in zijn bedje zag liggen, als een held toen hij luid en duidelijk ‘Nein’ zei tegen de Nederlandse agent die hem verzekerde dat er Joden in huis zouden zijn.

Als ik Blom goed begrijp, is het voor hem ook een heel interessante discussie of die buurvrouw een verrader was en die Grüne een held. Dat heet wetenschap die, zoals wij thuis weleens zeggen, onderzoekt of het ’s nachts kouder is dan buiten. Ik schreef al eerder in Het Parool dat de enige keer dat het woord ‘held’ in het Verzetsmuseum wordt gebruikt, bij een NSB’er is die aan het Oostfront streed. Mijn conclusie is dan ook dat de naam Verzetsmuseum een contradictio in terminis is. De naam Mensenmuseum dekt meer de inhoud en uitstraling van het museum na de heropening.

Om cabaretier Hans Teeuwen te citeren uit een conference na een uiteenzetting over de film Schindler’s list: “Iedereen heeft het altijd over die Joden, maar die Duitsers waren ook geen lieverdjes.”

Heeft u dit artikel met plezier gelezen? Met een abonnement op het NIW krijgt u toegang tot columns, opinies, analyses, nieuws – en achtergrondverhalen. Kies hier wat het beste bij u past.

Tags dit artikel heeft geen tags
Plaats opmerking