Column

Sjivve

Roel Abraham 20 maart 2022, 12:00
Sjivve

Deze week was het Poeriem en u kijkt natuurlijk reikhalzend, waarschijnlijk met een gemeen grijnsje op uw stoppelige snuit, uit naar de avonturen van ondergetekende, die ongetwijfeld in een jurk naar sjoel ging, daarmee koningin Ester ernstig beledigend want die had geen baard, alwaar hij struikelde en uit zijn glanzende roze panty scheurde, om vervolgens zijn grote voortanden te versplinteren op de rand van de bima. Och, och, wat zou u daarvan genieten.

Helaas, helaas, ik moet u teleurstellen. Niet alleen schrijf ik dit terwijl het nog niet eens Poeriem is (door sommigen ook wel geringschattend ‘Joods carnaval’ genoemd, terwijl een iegelijk toch dondersgoed weet dat wij ons niet te buiten gaan aan buitenechtelijke seksuele uitspattingen tijdens ons feest, zoals die vermaledijde, ongetwijfeld voormalige papen. Drinken daarentegen is, net zoals bij de carnavalsklanten, wel weer een goede gewoonte tijdens Poeriem, Paul Damen kan u daar alles over vertellen want voor hem is het elke dag Poeriem, wij doen dat zodat we niet meer het verschil zien tussen Mordechai en Haman (geratel graag), tussen vriend en vijand), maar ook wil ik het gewoon over heel iets anders hebben.

Stofwolk
Net als normale mensen komen ook wij regelmatig te overlijden. Meestal maar één keer, hoewel volgens sommigen een enkeling het zo’n tweeduizend jaar geleden na drie dagen voor gezien schijnt te hebben gehouden en het dood-zijn toen maar opgaf. Je moet het ook wel kúnnen natuurlijk. Maar in het algemeen: het schijnt iets te zijn wat je niet tegenhoudt, wat je overkomt en waartegen niet te vechten valt. Hoe graag we ook ruziemaken en discussiëren, dit debat verlies je altijd. Wanneer je overlijdt, ben je meestal dood en word je begraven of gecremeerd.

Wij begraven doorgaans onze doden in verband met de te verwachten wederopstanding. Je wilt dan niet als grijzige stofwolk tegenover hem/haar staan, maar uiteraard keurig in je witkatoenen doodsgewaad met al je knekels intact. Zover is het alleen nog niet, we moeten eerst nog een tijdje stil in onze kist liggen. Ook een goed argument voor een spaanplaten kist: de meeste urnen zijn heel lelijk, het lijken soms bloemenvazen die geboetseerd zijn door blinde, psychiatrische korsakovpatiënten.

Na de teraardebestelling zijn we nog niet klaar, o nee, want daarna zit de familie een paar dagen sjivve. Sjivve betekent het getal zeven, de zeven dagen van diepe rouw die de naaste familie in acht neemt na het overlijden van een dierbare. Ik vind dit een heel mooie en goede gewoonte, mocht het zelf afgelopen week helaas weer eens beleven. Je komt bijeen om elkaar bij te staan, te steunen, om de familie te laten zien dat die niet alleen is, om eten te brengen en met elkaar de overledene te gedenken. Uiteraard zijn er de vaste, traditionele gebeden die je samen zegt, het lernen daarna, maar vooral gewoon het elkaar in de ogen kijken en vasthouden. Praten en luisteren. Voelen dat degene die is afgereisd naar de onzichtbare bestemming er ook een beetje bij is. Het is echt een daad van liefde, van betrokkenheid bij elkaar, bij de overleden naaste.

Troostend
Er wordt kaddisj gezegd wanneer er minjan is. Ik was toevallig de laatste man die arriveerde en toen konden we beginnen. Had alleen geen sidoer meegenomen, maar wel een overheerlijke mozzarellasalade. Gelukkig kreeg ik een minuscuul boekje, dus ik kon meedoen. Geen leesbril, dus het had evengoed Mandarijn of Swahili kunnen zijn, maar het kaddisj wordt tijdens elke sjoeldienst een paar keer gezegd, dat scheelt. Het kaddisj gaat over de grootsheid van de Eeuwige en niet over de overledene. Dat lijkt apart, maar het geeft alleen maar aan dat eigenlijk alles in de handen van God ligt. Dat het goed is. Dat kan heel troostend zijn.

Het eindigt aldus: “Moge er veel vrede uit de hemel komen en leven, over ons en over heel Israël. Hij die vrede maakt in zijn hoge sferen, zal ook vrede maken voor ons en voor geheel Israël.”

Rust in vrede, lieve Betty. Ameen.

Tags dit artikel heeft geen tags
Opmerkingen (1)
Henry 23 maart 2022, 15:55
'Meestal maar één keer, hoewel volgens sommigen een enkeling het zo’n tweeduizend jaar geleden na drie dagen voor gezien schijnt te hebben gehouden en het dood-zijn toen maar opgaf. Je moet het ook wel kúnnen natuurlijk.' Ik vind dit zeer onrespectvol tegenover het christendom, haast lasterlijk. Dit kan gewoon niet.
Plaats opmerking

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *