Dossiers

Vergeten gemeenschappen

Sjoel West-voorman Erwin Brugmans reisde vorig jaar omstreeks deze tijd naar Centraal-Azië, waar hij langs de zijderoute op zoek ging naar de synagogen van oude Joodse gemeenschappen. Dit is zijn verslag.

Erwin Brugmans 05 juli 2021, 10:00
Vergeten gemeenschappen

Dit artikel verscheen eerder in NIW 38, 5779/ 2019. Redactie: Esther Voet.

Centraal-Azië, gebied van eindeloze steppen, woestijnen en woestenij, en van de legendarische zijderoute. Onder Centraal-Azië worden de landen Kazachstan, Oezbekistan, Turkmenistan, Kirgizië en Tadzjikistan verstaan. In 1890 werden de landen ingelijfd bij het Russische rijk, pas na 1991 werden ze dankzij Gorbatsjov weer zelfstandig. In de tijd daartussen werden de eigen culturen, religies en talen verboden maar de inwoners keren nu weer terug naar hun oorspronkelijke identiteit. In alle vijf de landen worden talen gesproken die evenals het in Iran gesproken Farsi onder de Turkmeense talengroep vallen.

Langs deze eeuwenoude plaatsen ontwikkelden zich Joodse gemeenschappen die nog altijd bestaan, hoewel ze ondanks hun ligging langs de karavaanwegen vrijwel onzichtbaar voor de Westerse wereld zijn geworden. Erwin Brugmans zocht ze op, met behulp van de Jewish Travel Guide 2009, uitgegeven door het Engelse weekblad The Jewish Chronicle. Het was zijn wens ooit de zuidelijke zijderoute te bereizen, hij wilde vooral de bekende Oezbeekse stad Boechara, de stad die op de Unesco Werelderfgoedlijst staat bezoeken, waar een 2500 jaar oude Joodse gemeenschap leeft. De Boechaarse Joden zijn naar algemeen wordt aangenomen afkomstig uit de Mesopotamische tijd, toen ook de Babylonische Talmoed werd geschreven. Erwin: “Ik reisde door de woestijn, bezocht steden en landbouwgebieden, opgravingen, reed langs rivieren, over oude karavaanwegen, over bergen, dalen en bergpassen. Ik bezocht vele madrassas (koranscholen), moskeeën, markten, steden, dorpen, Joodse gemeenschappen en sjoels. In alle vijf de republieken voelde ik mij als Jood helemaal veilig. Van antisemitisme of een anti-Israëlstemming was niets te merken, mijn davidster droeg ik zichtbaar. Hoewel de landen een islamitische meerderheid hebben, is de heersende stroming hier niet orthodox. Velen zijn zelfs niet religieus en iedereen probeert invloeden vanuit radicalere stromingen te weren.”

‘In alle vijf de republieken voelde ik mij als Jood helemaal veilig’

Vooral in Kirgizië en Kazachstan was duidelijk te merken dat invloeden uit de pre-islamitische tijd nog steeds doorklinken in het dagelijks leven. Ook wonen er veel zoroastrianen. Het zoroastrisme behoort tot de oudste religies, de aanhangers zijn volgers van Zarathustra (de naam betekent ‘bezitter van veel kamelen’), een priester en dichter uit de zesde eeuw voor de normale jaartelling. Zang, vuur en natuurgoden zijn essentiële onderdelen van het geloof. Maar ook wonen er boeddhisten, christelijke groeperingen en ja, ook Joden. 

Lange Joodse geschiedenis
Oezbekistan telt ongeveer 13.000 Joden. Erwin: “De zeer oude steden hebben een lange, Joodse geschiedenis die dateert van voor de islam. De islamitische invloed is er ontegenzeggelijk, zie de prachtige architectuur. Tegelwerk, keramiek, metselkunst en weefkunst zijn allemaal van hoogstaande kwaliteit en tot op de dag van vandaag te bewonderen. De veruit bekendste Joodse gemeenschap bevindt zich in Boechara. Ik bezocht er twee goed functionerende synagogen, een koosjer restaurant en een eigen begraafplaats, en er zijn diverse Joodse organisaties. Mijn hotel lag midden in de (voormalige) Joodse wijk. Het was een gerestaureerd voormalig koopmanshuis van een Joodse eigenaar die in de jaren negentig naar de Verenigde Staten vertrok. Wat ik in dit deel van de wereld wel vaker tegenkwam, is dat er een synagoge was met zowel een sefardisch als een asjkenazisch deel. De voorzitter van de gemeenschap leidde me rond en nodigde me uit voor de wekelijkse sjabbatdiensten, waar ik natuurlijk op inging.”

Joodse koopmanshuis, nu kosjere restaurant in Buchara

Die vrijdag, zo rond zeven uur in de avond, waren er meer dan vijftien man aanwezig voor het minjan. Erwin kon de dienst redelijk volgen, maar de melodieën van de liederen verschilden van wat hij in Amsterdam gewend is: “Er was vooraf thee en koek, en na afloop kreeg ik allerlei vragen: waar kwam ik vandaan? Waarom was ik naar ze toegekomen?”

Daarna nam een oudere bezoeker van de sjoel me mee door de straten van de Joodse wijk naar de tweede sjoel, waar we net op tijd aankwamen voor het lezen uit de Sefer Tora.” Uiteraard had Erwin ook hier veel bekijks. Er werd gevraagd naar zijn Joodse naam (Ephraim ben Ja’acov), zodat hij opgeroepen kon worden. En zo stond hij even later de vijfde parasja te lajenen, en zei de Berachot op de zijn bekende asjkenazische toon. De aanwezige sjoelgangers vonden het prachtig, en er werden heel veel handen geschud: “Ik voelde me helemaal opgenomen in de kehilla. Een paar mannen letten op mij, met de vraag of ik alles wel kon volgen. Na de dienst was er natuurlijk kidoesj. Dat iemand helemaal uit Amsterdam komt om hier in Boechara sjabbat te vieren was ook voor deze gemeenschap een unicum.”

Vrij en open
Die avond dineerden Erwin en zijn reisgenoten in een mooi gerestaureerd pand: “Ook dit gebouw bleek van een Joodse koopman te zijn, en dat was duidelijk te zien aan de Hebreeuwse teksten die we in een mooie opkamer vonden. De volgende dag liep ik een tweedehands winkeltje binnen, waarvan ik had gehoord dat er oude Joodse boeken en geschriften te koop waren. En ja hoor, onder wat textiel kwamen diverse Joodse boeken tevoorschijn, afkomstig uit Polen en Rusland, zo zag ik aan de namen van de drukkers. Er lag een hagada, en een tefilien en ook een machzer voor Rosj Hasjana.

Erwin met Joodse boeken

Boechara is duidelijk een stad waar Joden zich vrij en open kunnen bewegen. Ik zag diverse keren Joodse gezinnen door de straten lopen, de mannen met hun kippa op. Ik heb ook nog even de enorme begraafplaats kunnen bezoeken, die wel drie hectare meet. De ingang was in redelijke staat, het middengedeelte lag er minder goed bij. Maar ik heb nog nooit zoveel Joodse graven bij elkaar gezien. Op het metaheerhuisje prijkten twee enorme davidsterren en het had een grote, blauwe koepel met een ster erop. Het gemetselde mozaïekwerk was echt prachtig.”

Vanuit Boechara ging het door naar die andere plaats met die legendarische naam: Samarkand. Een stad met zo’n half miljoen inwoners, de meesten zijn Tadzjieken. Samarkand kent een zeer rijke Joodse geschiedenis. Joodse kooplieden lieten er bijvoorbeeld de mooiste huissynagogen bouwen. “Het is de oudste stad in de regio, de ontstaansgeschiedenis gaat terug tot 10.000 jaar geleden. Vandaag de dag leven er nog zo’n 2.500 Joden, en er zijn twee synagogen. De Goembaz sjoel in de oude mahalla, de mella, is de bekendste. De twee toegangsdeuren tot de mahalla zijn er nog steeds, en er wonen ook nog veel Joden maar de Oezbeken zijn nu in de meerderheid. De meeste Joodse inwoners kwamen oorspronkelijk uit Boechara en zijn later geëmigreerd naar Israël of de Verenigde Staten.”

Leerlingen en hun rabbijn in Samarkand

Handgegraveerd
De Goembaz synagoge is gemakkelijk te vinden omdat het een van de weinige gebouwen met een rond dak in de wijk is. “Onderweg kwamen we langs diverse huizen die ooit door Joden bewoond moeten zijn geweest, want de aftekeningen van de mezoezot die ooit aan de deurposten hadden gehangen, waren nog duidelijk zichtbaar. Ook hier vonden we een tweedehandswinkeltje, gevestigd in een groot huis dat eigendom van een geëmigreerde Jood was.” Op de buitengevel van de sjoel zelf waren twee davidsterren en een menora te zien, en Erwin ging het gebouw in door een prachtige, handgegraveerde oude deur: “De sjamasj leidde ons rond, ook hier weer een sefardisch deel voor de Boecharen, en een asjkenazisch deel waarvan gevluchte Russische en Poolse Joden ooit gebruik hadden gemaakt. De sjoel was versierd met de mooiste symbolen, waarvan de afwatering van het dak het allermooiste was: ster met menora van tin. In deze tweelingsynagoge viert de gemeenschap alle sjabbatot en Joodse feest- en gedenkdagen. Maar ook uit Samarkand zijn veel Joden na de onafhankelijkheid in 1991 vertrokken.”

Synagoge Goembaz in Samarkand

Tasjkent, de hoofdstad van Oezbekistan telt vijf synagogen, zowel sefardisch als asjkenazisch. In alle sjoels worden nog diensten gehouden en diverse Joodse organisaties zorgen voor de ouderen, kinderen en Joods onderwijs.

De Joodse gemeenschap van Tadzjikistan is veel kleiner, daar wonen nog ongeveer twaalfhonderd leden, hoofdzakelijk in de hoofdstad Doesjanbe. “Er zijn twee synagogen: een Boechaarse, voor veertig procent van de Joodse bevolking, en een asjkenazische, die zestig procent van de Joodse gemeenschap uitmaken, allemaal vluchtelingen en hun nazaten uit de Tweede Wereldoorlog. De Boechaarse Joden zouden afstammen van Perzische Joden die ten tijde van het Poeriemverhaal naar Tadzjikistan zijn getrokken. Tasjkent heeft ook een Joodse bibliotheek.”

Een gemeenschap van zo’n 2300 leden leeft hoofdzakelijk verspreid over de plaatsen Kokand in Oezbekistan en Bisjkek, de hoofdstad van Kirgizië: “De synagoge in Bisjkek is heel levendig, het gemeenschapshuis staat stevig op de benen en zowel ouderen als kinderen vinden er een plek. Het is ook de locatie voor choepot en besnijdenissen, en ook hier Joodse les. Ik heb diverse foto’s van het interieur gemaakt, met de rabbijn erbij. Alle leden zijn van asjkenazische komaf, allemaal tijdens de Shoa gevlucht uit Polen en Rusland. Ook hier voelde ik me weer welkom, maar in tegenstelling tot de centra in Boechara en Samarkand was hier het hele complex om veiligheidsredenen omgeven door een hoog ijzeren hekwerk, vergelijkbaar met wat we in Amsterdam bij het Cheider zien.”

De Bishkek sjoel in Kirgizië

Emotioneel
Van de rabbijn in Bisjkek kreeg Erwin het adres van de synagoge in Almati, bij ons beter bekend als Alma Ata, Kazachstan. In dat land leven nog zo’n 8.500 Joden, vooral in Almati, Astana en Şımkent. “In Almati bleek de synagoge ruim zes kilometer van mijn hotel te liggen, dus toch maar een taxi op sjabbat. De Engelssprekende taxichauffeur zette me keurig af en toen bleek ik iets te vroeg voor de dienst te zijn. Daardoor had ik tijd om aan de praat te raken met vier Joden die vertelden dat ze uit het Georgische Tbilisi kwamen en dat die stad ook een heel oude gemeenschap kent die nog dateert van vlak na de verwoesting van de tweede tempel. Antisemitisme zeiden ze in Georgië niet tegen te komen.”

Ook hier weer een hartelijk welkom. Erwin werd voorzien van een asjkenazische talliet en boeken met Engelse vertaling zodat hij de dienst kon volgen. “De bladwijzer naast de aron hakodesj deed de rest. Wat vooral opviel was hoe devoot de Sefer Tora werd gekust en aangeraakt. Ook hier mocht ik een deel van de parasja lezen. De reacties waren zo hartelijk dat ik er best een beetje emotioneel van werd. Na de dienst was er kiddoesj en een warme maaltijd in een gebouw naast de sjoel. Er was iemand die op een voor mij herkenbare toon bensjte. Ik vroeg of hij dat in Amsterdam geleerd had. Het bleek Brussel te zijn. Er werd heerlijk gegeten, gezongen en gebensjd. Ik was er vanaf half negen geweest en inmiddels liep het tegen tweeën, ik moest terug naar mijn hotel, maar de aanwezigen vroegen of ik iets over Amsterdam wilde vertellen en over onze Nederlandse gemeenschap. Dat deed ik, simultaan vertaald in het Kazachs. Het afscheid was allerhartelijkst en de contacten duren tot vandaag, want twee leden van de gemeenschap willen binnenkort naar Amsterdam komen. Dan zijn ze welkom in de bed and breakfast die ik heb. Het was een fantastische reis met veel unieke ontmoetingen en allerhartelijkste gesprekken. Ik voelde me als Jood overal veilig en zeer welkom.” 

Wilt u ook een reis maken zoals Erwin deed en meer informatie van hem krijgen? Stuur een mailtje naar redactie@niw.nl en wij sturen die aan hem door.

Opmerkingen (0)
Plaats opmerking

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *